Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2013:848

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
04-10-2013
Datum publicatie
04-10-2013
Zaaknummer
12/01862
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:24, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2011:6693, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Ontvankelijkheid van bij één dagvaarding tegen twee vonnissen ingesteld hoger beroep. Beroepsaansprakelijkheid advocaat, maatstaf.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2013/1161
JWB 2013/468
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

4 oktober 2013

Eerste Kamer

nr. 12/01862

RM/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1.[eiseres 1],
gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [eiseres 2],
gevestigd te [vestigingsplaats],

3. [eiser 3],
wonende te [woonplaats],

4. [eiseres 4],
gevestigd te [vestigingsplaats],

5. [eiser 5],
wonende te [woonplaats],

6. [eiseres 6],
gevestigd te [vestigingsplaats],

7. [eiser 7],
wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

advocaten: mr. A. Knigge en mr. B.T.M. van der Wiel,

t e g e n

1. [verweerster 1],
gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [verweerster 2],
gevestigd te [vestigingsplaats],

3. [verweerder 3],
wonende te [woonplaats],

4. [verweerster 4],
wonende te Den Hout, gemeente Oosterhout,

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. J. den Hoed.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder] c.s.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaken 169729/HA ZA 07-76 en 171554/ HAZA 07-339 van de rechtbank Breda van 5 november 2008 en 13 mei 2009;

b. de arresten in de zaak HD 200.037.073 van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 17 mei 2011 en 27 december 2011.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de arresten van het hof van 17 mei 2011 en 27 december 2011 hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 12 juli 2013 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 6.118,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, M.A. Loth, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 4 oktober 2013.