Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2013:580

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
03-09-2013
Datum publicatie
04-09-2013
Zaaknummer
13/02031 U
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:675, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Uitlevering. HR: 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2013/1057
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

3 september 2013

Strafkamer

nr. 13/02031 U

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland, zittingsplaats Haarlem, van 29 maart 2013, nummer 15/741395-12, op een verzoek van de Republiek Bosnië-Herzegovina tot uitlevering van:

[de opgeëiste persoon] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Namens deze heeft mr. D.W.H.M. Wolters, advocaat te Hoofddorp, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 september 2013.