Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2013:2084

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-12-2013
Datum publicatie
20-12-2013
Zaaknummer
13/00166
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:1255, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHSGR:2012:3785, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Uitleg gedingstukken. Devolutieve werking van het appèl. Proceskostenveroordeling. Is een van eisers in eerste aanleg partij in hoger beroep? Onrechtmatig profiteren van wanprestatie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2014/100
RN 2014/20
JWB 2014/40

Uitspraak

20 december 2013

Eerste Kamer

nr. 13/00166

LZ/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],

2. [eiseres 2],
gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. P.S. Kamminga,

t e g e n

[verweerster],
gevestigd te [vestigingsplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. J.A.M.A. Sluysmans.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid [eiser] c.s en [verweerster].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 272818/HA ZA 06-3080 van de rechtbank ’s-Gravenhage van 8 november 2006, 4 juni 2008, 1 oktober 2008 en 7 juli 2010;

b. het arrest in de zaak 200.075.236/01 van het gerechtshof ’s-Gravenhage van 25 september 2012.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 28 november 2013 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 6.118,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-presiden E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.E. Drion, G. Snijders, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 20 december 2013.