Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2013:1976

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
17-12-2013
Datum publicatie
17-12-2013
Zaaknummer
12/00703
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:1954, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2011:4523, (Gedeeltelijke) vernietiging met terugwijzen
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Slagende bewijsklacht opzetheling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2014/113

Uitspraak

17 december 2013

Strafkamer

nr. 12/00703

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 14 december 2011, nummer 23/002035-10, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het Hof, teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2 Beoordeling van het eerste middel

2.1.

Het middel klaagt onder meer dat uit de bewijsvoering niet kan worden afgeleid dat de verdachte ten tijde van het voorhanden krijgen van de in de bewezenverklaring genoemde auto (een Golf GTI) wist dat dit een door misdrijf verkregen goed betrof.

2.2.1.

Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:

"hij op 20 mei 2009 te Koog aan de Zaan, gemeente Zaanstad, Nederland, een personenauto merk Volkswagen, type Golf GTI, kleur zwart, voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het voorhanden krijgen van die personenauto wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof."

2.2.2.

Deze bewezenverklaring steunt op de bewijsvoering die in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 5 en 6 is weergegeven.

2.3.

Zonder nadere, doch ontbrekende, motivering kan uit de door het Hof gebezigde bewijsvoering niet worden afgeleid dat, zoals is bewezenverklaard, de verdachte ten tijde van het voorhanden krijgen van de Golf GTI "wist" dat het een door misdrijf verkregen goed betrof. De bewezenverklaring is dus ontoereikend gemotiveerd. In zoverre slaagt het middel.

3 Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen, brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, de middelen voor het overige geen bespreking behoeven en als volgt moet worden beslist.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president .J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en W.F. Groos, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 december 2013.