Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2013:1087

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
01-11-2013
Datum publicatie
01-11-2013
Zaaknummer
13/02911
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:868, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2012:BY7740, Niet ontvankelijk
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Artikel 80a RO-zaken
Inhoudsindicatie

Art. 80a lid 1 RO. Geschil over contributiebetaling aan branche-organisatie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2013/1313
JWB 2013/526
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

1 november 2013

Eerste Kamer

nr. 13/02911

RM/NH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

CONTINENTAL AUTOMATEN B.V.,
gevestigd te Amsterdam,

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. K. Aantjes,

t e g e n

de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid VAN-SPEELAUTOMATEN BRANCHE-ORGANISATIE,

gevestigd te Rosmalen,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Continental en VAN.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 476686/HA ZA 10-3826 van de rechtbank Amsterdam van 23 februari 2011 en 18 mei 2011;

b. de arresten in de zaak 200.091.872/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 23 augustus 2011 en 18 december 2012.

Het arrest van het hof van 18 december 2012 is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 18 december 2012 heeft Continental beroep in cassatie ingesteld.
De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen VAN is verstek verleend.

Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijkheid op de voet van art. 80a RO.

De advocaat van Continental heeft bij brief van 3 oktober 2013 op dit standpunt gereageerd.

3 Beoordeling van de ontvankelijkheid

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 2).

De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk;

veroordeelt Continental in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van VAN begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 1 november 2013.