Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2012:BW9968

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
03-07-2012
Datum publicatie
03-07-2012
Zaaknummer
10/05374
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2012:BW9968
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

1. Ongegronde bewijsklacht. 2. Kennelijk leugenachtige verklaring. De HR herhaalt de toepasselijke overwegingen uit HR LJN ZD0413, AD8873 en AT2897. Voor zover het Hof zijn oordeel dat verdachte leugenachtig heeft verklaard heeft gegrond op de verklaring van de medeverdachte geldt dat deze verklaring geen steun vindt in ander bewijsmateriaal zodat niet zonder meer begrijpelijk is dat die verklaring voldoende grondslag biedt voor het oordeel over de kennelijke leugenachtigheid. Dat verdachte zelf geen verklaring heeft willen geven kan in dit verband geen rol spelen. De bewezenverklaring is ontoereikend gemotiveerd.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafvordering
Wetboek van Strafvordering 339
Wetboek van Strafvordering 341
Wetboek van Strafvordering 359
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJ 2012/466
RvdW 2012/1025
NBSTRAF 2012/294
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

3 juli 2012

Strafkamer

nr. S 10/05374

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 24 november 2010, nummer 22/005160-09, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1979, ten tijde van de betekening van de aanzegging uit andere hoofden gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Vught, locatie Nieuw Vosseveld" te Vught.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J.M. Lintz, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage dan wel verwijzing van de zaak naar een aangrenzend hof, teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Bewezenverklaring en bewijsvoering

2.1. Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:

"1. primair: hij op 09 juni te Rotterdam tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening uit een personenauto (Audi-A4, zwart, [AA-00-BB], geparkeerd staand op de Sourystraat) heeft weggenomen een navigatiesysteem (merk Audi), toebehorende aan [betrokkene 1], waarbij verdachte en zijn mededader het weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak, te weten door met een hard voorwerp een ruit van die auto in te slaan.

2. primair: hij op 09 juni 2009 te Rotterdam tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening uit een (personen)auto (Audi A3, grijs [CC-00-DD], geparkeerd staand op de Nolensstraat) heeft weggenomen een navigatiesysteem (merk Audi), toebehorende aan [betrokkene 2], waarbij verdachte en zijn mededader het weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak, te weten door met een hard voorwerp een ruit van die auto in te slaan.

3. primair: hij in de periode van 28 mei 2009 tot en met 29 mei 2009 te Rotterdam, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening uit een (personen)auto (Opel, geparkeerd staand op de Van der Meydestraat) heeft weggenomen een navigatiesysteem (merk TomTom, type GO) en een mobiele telefoon (merk Nokia, type 6310), toebehorende aan Politie Rotterdam-Rijnmond, waarbij verdachte de weg te nemen goederen onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak, te weten door met een hard voorwerp een ruit van die auto in te slaan.

4. meer subsidiair: hij in de periode van 05 juni 2009 tot en met 9 juni 2009 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een ander, een navigatiesysteem (afkomstig uit een auto, Mazda, geparkeerd staand op de Burgemeester van Haarenlaan), voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het voorhanden krijgen van dat navigatiesysteem wisten dat het een door diefstal verkregen goed betrof.

5. meer subsidiair: hij in de periode van 06 juni 2009 tot en met 9 juni 2009 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een ander, een radio/dvd-speler met navigatiesysteem (afkomstig uit een Volkswagen Passat, kenteken [EE-00-FF], geparkeerd staand op de Oudedijkse Schiekade), voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het voorhanden krijgen van die een radio/dvd-speler met navigatiesysteem wisten dat het een door diefstal verkregen goed betrof.

6. meer subsidiair: hij in de periode van 05 juni 2009 tot en met 9 juni 2009 te Rotterdam tezamen en in vereniging met een ander een navigatiesysteem (merk Pioneer) (afkomstig uit een Nissan, Qashqai+, [GG-00-HH], zwart, geparkeerd staand in de Bourbonstraat) voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat navigatiesysteem, wisten dat het een door diefstal verkregen goed betrof.

7. meer subsidiair: hij in de periode van 01 juni 2009 tot en met 9 juni 2009 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een ander een navigatiesysteem (merk Volkswagen) (afkomstig uit een Volkswagen Touareg, geparkeerd staand in de Lohengrinstraat) voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het voorhanden krijgen van dat navigatiesysteem wisten dat het een door diefstal verkregen goed betrof.

8. meer subsidiair: hij in de periode van 05 juni 2009 tot en met 9 juni 2009 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een ander, een navigatiesysteem (merk Volkswagen) (afkomstig uit een Volkswagen Passat, kenteken [II-00-JJ], geparkeerd staand op de Rembrandtlaan), voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het voorhanden krijgen van dat navigatiesysteem wisten dat het een door misdrijf verkregen goed betrof."

2.2. Deze bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen:

"1. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-7 d.d. 9 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaren:

Op 9 juni 2009 omstreeks 04:26 uur werden wij door de Meldkamer politie van het Korps Rotterdam-Rijnmond gestuurd naar de Sourystraat te Rotterdam. Hier zou ter hoogte van pandnummer 34 ingebroken worden in een zwarte personenauto van het merk Audi. Een van de mannen zou op de uitkijk staan en een ander zou het rechter voorruitje hebben ingetikt. Een signalement zou zijn 175 cm, blank, donker kort haar, rond 25 jaar oud en spijkerbroek. Ter plaatse hoorden wij omstreeks 04:37 uur dat andere politiemedewerkers werden gestuurd naar de Van Houtenstraat te Rotterdam. Hier zou wederom in een Audi worden ingebroken. De daders zouden weglopen in de richting van de Stadhoudersweg. Wij zagen twee jongens lopen uit de richting Bijlwerfstraat/Van Nideckstraat. Zij voldeden aan het signalement van twee blanke jongens van ongeveer 175 cm lengte in de leeftijd van 25 jaar, kort zwart haar, beiden gekleed in een kort zwart jack en een in een spijkerbroek. Wij hielden de beide mannen staande en vroegen naar hun identiteit. De mannen bleken genaamd te zijn [betrokkene 3] en [verdachte].

Ik zag dat het jack van [verdachte] glinsterde. Ik zag dat dit kleine glassplinters waren.

2. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-28 d.d. 10 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 10 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 4]:

Ik woon op [a-straat 1] te Rotterdam. Op 9 juni 2009 omstreeks 04.20 uur werd ik uit mijn slaap gewekt door een autoalarm. Ik keek uit mijn slaapkamerraam en zag ongeveer 7 meter vanaf mijn raam dat er bij een zwarte Audi een autoalarm afging. Ik zag dat het raam aan de bijrijderskant kapot was en zag dat er iemand door het kapotte raam in de auto gebogen stond. Ik zag dat deze persoon een spijkerbroek aan had. Even verderop stond een blanke man van ongeveer 25 jaar. Hij was ongeveer 1.70 meter lang, had kort zwart haar, gekleed in een zwart jack en spijkerbroek. Deze man stond kennelijk op de uitkijk.

3. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-1 d.d. 9 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 9 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 1]:

Ik doe aangifte van diefstal door middel van braak uit mijn auto, een zwarte Audi A4, kenteken [AA-00-BB], tussen 8 juni 2009 te 23:05 uur en 9 juni 2009 te 04:30 uur op de Sourystraat ter hoogte van nummer 30 ter Rotterdam. Op 8 juni 2009 te 23:05 uur parkeerde ik mijn auto op de Sourystraat te Rotterdam. Mijn auto was deugdelijk afgesloten en in goede orde achtergelaten. Op 9 juni 2009 te 04:30 uur kwam ik weer terug bij mijn auto. Ik zag dat een ruit aan de voorzijde van de rechterkant van mijn auto ingeslagen was. Uit mijn auto is weggenomen een navigatiesysteem. Dit bevond zich ingebouwd in dashboard. Aan niemand werd het recht of de toestemming gegeven tot het plegen van het feit.

4. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-10 d.d. 10 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 9 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 5]:

Ik woon [b-straat 1] te Rotterdam en heb uitzicht vanuit mijn woonkamer op de Van Houtenstraat en de kruising met de Nolenstraat. Op 9 juni 2009 omstreeks 04:35 uur zat ik op de bank. Ik hoorde een klap/tik, een geluid dat ik herkende als dat er een portierruit van een auto werd ingeslagen. Direct hierop hoorde ik een autoalarm afgaan. Ik keek uit het raam. Ik zag dat schuin tegenover mijn woning een zilvergrijze Audi A3 kenteken [CC-00-DD], geparkeerd stond. Ik zag dat de lichten knipperden, kennelijk door het autoalarm. Ik zag dat door het ruitje van de bijrijder een man gebogen stond. Ik zag dat verderop een andere man stond. Ik zag dat dit een blanke man van ongeveer 25 jaar was, gekleed in een zwart jack en een spijkerbroek. De man had kort zwart haar. Ik zag dat de man rondkeek en concludeerde dat hij op de uitkijk stond. Ik zag dat de andere man uit de auto kwam. Ik zag dat dit ook een blanke man van ongeveer 25 jaar was, gekleed in een zwart jack, spijkerbroek en kort zwart haar.

5. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-24 d.d. 9 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 9 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 2]:

Ik ben namens de benadeelde Lease Plan BV te Almere gerechtigd tot het doen van aangifte van diefstal door middel van braak uit een personenauto tussen 8 juni 2009 te 20:00 uur en 9 juni 2009 te 04:45 uur op de Nolensstraat ter hoogte van nummer 76 ter Rotterdam. Ik lease een personenauto, een grijze Audi A3, kenteken [CC-00-DD]. Op 8 juni 2009 te 20:00 uur heb ik de auto rondom afgesloten en onbeschadigd geparkeerd op de Nolensstraat te Rotterdam. Ik heb het autoalarm in werking gesteld. Op 9 juni 2009 te 04:45 uur zag ik dat de rechterruit van het voorportier was ingeslagen cq verbroken. Ik zag dat de navigatiesysteem van het merk Audi uit het dashboard was weggenomen. Aan niemand werd het recht of de toestemming gegeven tot het plegen van het feit.

6. Het proces-verbaal van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in de arrondissementsrechtbank te Rotterdam van 12 juni 2009 nadat aan de verdachte de vordering tot inbewaringstelling met parketnummer 10/650121-09 is voorgehouden. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 12 juni 2009 tegenover deze rechter-commissaris afgelegde verklaring van de verdachte:

U houdt mij de feiten voor waarvan ik word verdacht en vraagt mij of de beschuldigingen kloppen. Ja, ik heb die feiten gepleegd. Op uw vraag of het om twee Audi's in dezelfde nacht ging en om een lokauto van de politie zeg ik "ja".

7. De verklaring van de verdachte.

De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep van 10 november 2010 verklaard - zakelijk weergegeven -:

Ik heb in de nacht van 28 op 29 mei 2009 te Rotterdam ingebroken in een lokauto van de politie.

8. De verdachte heeft ter terechtzitting in eerste aanleg van 17 september 2009 verklaard - zakelijk weergegeven -:

Mij worden de aangiften behorend bij de feiten 4 tot en met 8 voorgehouden. Mijn vriend [betrokkene 3] en ik verbleven in de avond/nacht van 5 op 6 juni 2009 in Schiedam. De gestolen spullen die in de blokhut zijn aangetroffen waren van een vriend.

9. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009182599-1 d.d. 8 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 8 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 6] (aangever):

Op 28 mei 2009 werd een personenauto van het merk Opel, in het bezit van de politie, door politiemensen geparkeerd op de Van der Meydestraat te Rotterdam. Op 29 mei 2009 werd door politiepersoneel vastgesteld dat in het voertuig was ingebroken. Hierbij is de ruit van het rechter voorportier verbroken. Verder bleek dat een navigatiesysteem van het merk TomTom, type Go, en een mobiele telefoon van het merk Nokia, type 6310, uit het voertuig waren weggenomen. De weggenomen goederen zijn geheel eigendom van de Regiopolitie Rotterdam-Rijnmond. Er is aan niemand toestemming gegeven zich de toegang tot het voertuig te verschaffen en zich daarin bevindende goederen weg te nemen met het oogmerk deze zich toe te eigenen.

10. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-13 d.d. 9 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaren:

Van de aangehouden verdachten [verdachte] en [betrokkene 3] is ambtshalve bekend dat zij gebruik zouden kunnen maken van een personenauto van het merk BMW, type 320, kleur blauw, en voorzien van het Engelse kenteken [KK-00-LL]. Wij zagen dat deze auto bij [B], gevestigd op de [c-straat 1] te Rotterdam, stond geparkeerd. De eigenaresse van [B] deelde mede dat op 8 juni 2009 twee Litouwse mannen aan de receptie kwamen die voor één nacht een blokhut boekten en dat zij hun de sleutel van blokhut nummer 15 heeft overhandigd. Tevens overhandigde de eigenaresse een kopie waar de identiteitsbewijzen van deze twee mannen, genaamd [verdachte] en [betrokkene 3], op stonden. De gegevens op deze kopie kwamen overeen met de mededeling van de wachtcommandant dat de aangehouden verdachten waren genaamd:

[verdachte], geboren op [geboortedatum]-1979 te [geboorteplaats] en [betrokkene 3], geboren op [geboortedatum]-1978 te [geboorteplaats].

11. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880 d.d. 9 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op 9 juni 2009 werd door de rechter-commissaris binnengetreden in een trekkershut, nummer 15, aan de [c-straat 1] te Rotterdam. Tijdens de doorzoeking werd onder andere, in een sporttas welke onder het bed stond:

- een Hide-away unit van het merk Pioneer, type AVIC-X3II,

- navigatie-units van het merk Volkswagen en Pioneer,

- een autoradio navigatie unit met geïntegreerd beeldscherm van het merk Pioneer,

- radio-cd spelers van het merk Pioneer,

aangetroffen en inbeslaggenomen.

12. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009192592-1 d.d. 6 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 6 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 7] (aangever):

Op 5 juni 2009 parkeerde ik mijn auto, merk Mazda - eigendom van schildersbedrijf [B], gevestigd [d-straat 1] te [plaats] - op de Burgemeester van Haarenlaan te Schiedam. De auto was deugdelijk afgesloten en in goede orde achtergelaten. Op 6 juni 2009 kwam ik terug bij de auto en ik zag dat het dashboardkastje was doorzocht. Uit de auto is onder andere een navigatiesysteem van het merk Pioneer weggenomen. Aan niemand werd het recht of de toestemming gegeven tot het plegen van het feit.

13. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-26 d.d. 10 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op 9 juni 2009 is onder andere inbeslaggenomen een navigatiesysteem van het merk Pioneer, type Avic-D3 met serienummer [001].

14. Het proces-verbaal van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD), nummer V2009.01507 d.d. 30 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op verzoek van de hoofdagent van politie werkzaam bij de Regiopolitie Rotterdam-Rijnmond werd een nader onderzoek ingesteld naar de mogelijke herkomst of diefstal van een navigatiesysteem van het merk Pioneer, type Avic D3 met serienummer [001]. In het systeem was als huisadres [d-straat 1] te [plaats] afleesbaar.

15. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009193908-1 d.d. 7 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 7 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 8] (aangever):

Op 6 juni 2009 parkeerde ik de Volkwagen Passat CC, kleur zwart, met kenteken [MM-00-NN] eigendom van [C] Beheer BV, op de [e-straat] te Rotterdam. De auto was deugdelijk afgesloten en in goede orde achtergelaten. Op 7 juni 2009 kwam ik terug bij de auto en zag ik dat een ruit aan de voorzijde van de linkerkant van de auto was ingeslagen. Uit de auto is een door Volkswagen ingebouwde autoradio weggenomen. Aan niemand werd het recht of de toestemming gegeven tot het plegen van het feit.

Bijlage goederen:

"Gestolen goed.

Object: Radio (auto)

Bijzonderheden: navigatiesysteem + dvd + tv + tuner + telefoon bluetooth."

16. Het proces-verbaal van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD), nummer V2009.001501 d.d. 6 juli 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op verzoek van de hoofdagent van politie werkzaam bij de Regiopolitie Rotterdam-Rijnmond werd een nader onderzoek ingesteld naar de mogelijke herkomst of diefstal van een navigatiesysteem van het merk Volkswagen, type Continental. Uit verstekte informatie afkomstig van Volkswagen AG te Duitsland bleek dat dit navigatiesysteem oorspronkelijk is ingebouwd in een Volkswagen Passat CC Sport TDI, kleur Deep Black Perleffect. Uit registers van het RDW bleek dat dit voertuig sinds 16 april 2009 met het kenteken [MM-00-NN] in het kentekenregister was ingeschreven.

17. Een geschrift, te weten een fotoblad (als bijlage gevoegd bij het hiervoor genoemd proces-verbaal van het KLPD) waarop als registratienummer van het navigatiesysteem staat vermeld: [002].

18. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-26 d.d. 10 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op 9 juni 2009 is onder andere inbeslaggenomen een navigatiesysteem van het merk Volkswagen met registratienummer: [002].

19. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009192679-1 d.d. 6 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 6 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 9] (aangever):

Op 5 juni 2009 parkeerde ik de Nissan Qashqai+, kleur zwart, met kenteken [GG-00-HH], eigendom van [D] B.V., op de [f-straat] ter hoogte van nummer 35 te Schiedam. De auto was deugdelijk afgesloten en in goede orde achtergelaten. Op 6 juni 2009 keerde ik terug bij de auto en ik zag dat een ruit aan de voorzijde van de rechterkant van de auto was ingeslagen en dat het slot van het linker voorportier was geforceerd. Uit de auto is onder andere een ingebouwd navigatiesysteem van het merk Pioneer, kleur zwart, weggenomen. Aan niemand werd het recht of de toestemming gegeven tot het plegen van het feit.

20. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-26 d.d. 10 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op 9 juni 2009 is onder andere inbeslaggenomen een navigatiesysteem van het merk Pioneer, type Avic-F900bt met serienummer [003].

21. Het proces-verbaal van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD), nummer V2009.01506 d.d. 30 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op verzoek van de hoofdagent van politie werkzaam bij de Regiopolitie Rotterdam-Rijnmond werd een nader onderzoek ingesteld naar de mogelijke herkomst of diefstal van een navigatiesysteem van het merk Pioneer, type Avic F900BT met serienummer [003]. In het systeem was als huisadres [f-straat 1] te Schiedam afleesbaar.

22. Het proces-verbaal van de politie Haaglanden, nummer PL15K0/2009/11447-5 d.d. 6 juli 2009, opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 6 juli 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 10] (aangever):

Op 1 juni 2009 heb ik de Volkswagen Touareg, kleur zwart, met kenteken [PP-00-QQ] en chassisnummer [004], eigendom van [E] BV te 's-Gravenhage, geparkeerd op de Lohengrinstraat ter hoogte van perceel 25 te 's-Gravenhage. Ik liet de auto onbeschadigd en in goede orde achter. Op 2 juni 2009 kwam ik terug bij de auto en ik zag dat het raam van het rechter voorportier was verbroken. Toen ik in de auto keek zag ik dat het vaste geïntegreerde navigatiesysteem in zijn geheel uit de auto was weggenomen. Aan niemand werd toestemming gegeven tot het plegen van het feit.

23. Het proces-verbaal van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD), nummer V2009.001503 d.d. 6 juli 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op verzoek van de hoofdagent van politie werkzaam bij de Regiopolitie Rotterdam-Rijnmond werd een nader onderzoek ingesteld naar de mogelijke herkomst of diefstal van een navigatiesysteem van het merk Volkswagen, type Continental. Uit verstekte informatie afkomstig van Volkswagen AG te Duitsland bleek dat dit navigatiesysteem oorspronkelijk was ingebouwd in een Volkswagen Touareg, kleur Black Magic Pearlescent, met V.I.N. [004]. Uit registers van het RDW bleek dat dit voertuig sinds 19 maart 2009 met het kenteken [PP-00-QQ] in het kentekenregister was ingeschreven.

24. Een geschrift, te weten een fotoblad (als bijlage gevoegd bij het hiervoor genoemd proces-verbaal van het KLPD) waarop als registratienummer van het navigatiesysteem staat vermeld: [005].

25. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-26 d.d. 10 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op 9 juni 2009 is onder andere inbeslaggenomen een navigatiesysteem van het merk Volkswagen met registratienummer: [005].

26. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009200598-1 d.d. 12 juni 2009, opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 6 juli 2009 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [betrokkene 11] (aangever):

Tussen 5 juni 2009 en 6 juni 2009 werd op de [g-straat 1] te Schiedam onder andere, vermoedelijk door het inslaan van een ruit, een navigatiesysteem weggenomen uit mijn Volkswagen Passat, kleur zwart, met kenteken [II-00-JJ]. Aan niemand werd het recht of de toestemming gegeven tot het plegen van het feit.

27. Het proces-verbaal van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD), nummer V2009.001500 d.d. 6 juli 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

Op verzoek van de hoofdagent van politie werkzaam bij de Regiopolitie Rotterdam-Rijnmond werd een nader onderzoek ingesteld naar de mogelijke herkomst of diefstal van een navigatiesysteem van het merk Volkswagen, type Continental. Uit verstekte informatie afkomstig van Volkswagen AG te Duitsland bleek dat dit navigatiesysteem oorspronkelijk was ingebouwd in een Volkswagen Passat Variant Highline TDI, kleur Deep Black Perleffect. Uit registers van het RDW bleek dat dit voertuig sinds 8 april 2009 met het kenteken [II-00-JJ] in het kentekenregister was ingeschreven.

28. Een geschrift, te weten een fotoblad (als bijlage gevoegd bij het hiervoor genoemd proces-verbaal van het KLPD) waarop als registratienummer van het navigatiesysteem staat vermeld: [006].

29. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-26 d.d. 10 juni 2009 opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als relaas van deze opsporingsambtenaar:

op 9 juni 2009 is onder andere inbeslaggenomen een navigatiesysteem van het merk Volkswagen met registratienummer: [006].

30. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-15 d.d. 9 juni 2009, opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

Als de op 9 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van [betrokkene 3]:

Ik ben met mijn vriend [verdachte] (het hof begrijpt: de verdachte [verdachte]) naar Nederland gekomen. Mijn vriend [verdachte] heeft blokhut 15 gehuurd aan de [c-straat 1] te Rotterdam. Hij heeft de blokhut op mijn naam gehuurd.

31. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-25 d.d. 10 juni 2009, opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

Als de op 10 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van [betrokkene 3]:

Ik verbleef op [B] aan de [c-straat] te Rotterdam met [verdachte] en niet met iemand anders. Ik en [verdachte] wilden een ruimte voor ons zelf om onze spullen daar neer te kunnen zetten.

32. Het proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer 2009195880-43 d.d. 30 juni 2009, opgemaakt in de wettelijke vorm door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -:

als de op 30 juni 2009 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van [betrokkene 3]:

Toen ik in Nederland was ben [ik] met mijn vriend [verdachte] overal naar toegereden. Ik had een tas met kleding in de blokhut staan. In de blokhut waren vier dezelfde oranje tassen, inclusief mijn tas. Mijn vriend [verdachte] heeft ook een grote oranje tas met daarin kleding. U houdt mij voor dat in de andere twee tassen navigatiesystemen zaten. De navigatiesystemen zijn uit de kofferbak van de auto in de blokhut terechtgekomen. Het is mogelijk dat ik die tassen wel eens heb gedragen van de kofferbak naar de blokhut. Deze tassen waren van mijn vriend [verdachte]."

2.3. Het Hof heeft ten aanzien van de bewijsvoering voorts het volgende overwogen:

"Uit de bovenstaande bewijsmiddelen blijkt het volgende. Op 9 juni 2009 werd een doorzoeking ter inbeslagneming verricht in de trekkershut nummer 15 gelegen op [B] aan de [c-straat] te Rotterdam. Deze trekkershut was door de verdachte op naam van zijn medeverdachte [betrokkene 3] gehuurd. Tijdens deze doorzoeking werd in twee dichte sporttassen de onder de feiten 4 tot en met 8 benoemde (gestolen) navigatieapparatuur en een radio/dvd speler aangetroffen.

Het hof hecht geen geloof aan de verklaring van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep afgelegd, dat de in de blokhut aangetroffen tassen, waaronder de twee tassen met daarin de gestolen goederen, van "een derde persoon" waren. Nadat de verdachte eerder ter terechtzitting in eerste aanleg heeft verklaard dat de gestolen spullen die in de blokhut zijn aangetroffen van "een vriend" waren, hetgeen het wederrechtelijk voorhanden hebben van die goederen door de verdachte en/of [betrokkene 3] niet uitsluit, wijzigt hij die verklaring wederom, zonder ook nu verdere openheid van zaken te geven omtrent de identiteit van deze derde persoon, noch omtrent de herkomst van die tassen.

Dat in de blokhut in de tenlastegelegde periode nog iemand anders heeft verbleven danwel een derde de desbetreffende tassen (door tussenkomst van de verdachte en/of [betrokkene 3]) in de blokhut heeft achtergelaten, is niet gebleken. Daarbij komt dat zijn medeverdachte [betrokkene 3] heeft verklaard dat hij alleen met de verdachte en met niemand anders op [B] verbleef, dat hij samen met de verdachte in Nederland overal naartoe is gereden, dat de tassen van de verdachte waren, dat de navigatiesystemen vanuit de kofferbak van de auto waarin beiden reden in de hut terecht zijn gekomen en dat hij, [betrokkene 3], die tassen mogelijk wel eens van de kofferbak van de auto naar de blokhut heeft gedragen. Gelet hierop, alsmede op de omstandigheid dat de verdachte geen enkele redelijke verklaring heeft willen geven omtrent herkomst van de onderhavige tassen, is het hof van oordeel dat de verklaring van de verdachte dat de tassen niet van hem maar van een ander waren kennelijk leugenachtig is.

Op basis van de uiterlijke verschijningsvorm van de door de verdachte en zijn medeverdachte [betrokkene 3] verrichte handelingen en waarnemingen, blijkens voormelde verklaring van [betrokkene 3] en verdachtes verklaring ter terechtzitting in eerste aanleg, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich in de bewezenverklaarde zin schuldig heeft gemaakt aan de hem onder 4 tot en met 8 tenlastegelegde feiten."

2.4. Voorts bevat 's Hofs arrest nog de volgende bewijsoverweging:

"Ten aanzien van de tenlastegelegde feiten 4 tot en met 8 is op grond van de stukken en het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep het volgende komen vast te staan. De beide verdachten [verdachte] en [betrokkene 3] zijn op heterdaad aangehouden in de directe omgeving van twee eveneens tenlastegelegde plaatsen delict. Zij reden in die periode samen in een BMW, welke stond geparkeerd bij een blokhut die op naam van de (mede)verdachte [betrokkene 3] was gehuurd. In de blokhut, waarin de beide verdachten verbleven, zijn in twee oranje tassen de gestolen, in de feiten 4 tot en met 8 nader benoemde navigatieapparatuur en voorts een gestolen radio/dvd speler aangetroffen. De medeverdachte [betrokkene 3] heeft verklaard dat één van die tassen van hem is en de andere tas van de verdachte [verdachte] is. Tevens verklaarde hij dat de tas met navigatiesystemen via de achterbak van de BMW naar de blokhut is gegaan. Het hof stelt voorts vast dat de verdachte en zijn mededader [betrokkene 3] geen enkele (plausibele) verklaring hebben gegeven voor de aanwezigheid noch voor de herkomst c.q. het voorhanden krijgen van de gestolen goederen. Gelet op deze feiten en omstandigheden, in onderling verband en samenhang bezien, is het hof van oordeel dat de verdachte en zijn mededader ten tijde van het bewezenverklaarde voorhanden krijgen van de desbetreffende gestolen navigatieapparatuur en de radio/dvd speler bewust de aanmerkelijke kans hebben aanvaard dat het hier door misdrijf verkregen goederen betrof."

3. Beoordeling van het eerste middel

3.1. Het middel komt op tegen de motivering van de bewezenverklaringen van de onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde feiten. Het behelst de klacht dat uit de door het Hof gebezigde bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat de verdachte en zijn mededader telkens "door met een hard voorwerp een ruit van die auto in te slaan" het weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak.

3.2. Uit de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen vloeit met betrekking tot de feiten 1, 2 en 3 voort dat de ruiten van de in de bewezenverklaring van die feiten genoemde auto's steeds zijn ingeslagen of verbroken en dat de verdachte kort na de melding bij de politie van een autokraak bij zijn staandehouding kleine glassplinters op zijn jack had. Mede gelet hierop vindt 's Hofs oordeel dat de verdachte en zijn mededader het weg te nemen goed telkens onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak "door met een hard voorwerp een ruit van die auto in te slaan" voldoende steun in de gebezigde bewijsmiddelen, waarbij de Hoge Raad in aanmerking neemt dat het een feit van algemene bekendheid is dat een autoruit niet met een zacht voorwerp kan worden ingeslagen of verbroken.

3.3. Het middel faalt.

4. Beoordeling van het tweede middel

4.1. Het middel komt op tegen de motivering van de bewezenverklaring van de feiten 4 tot en met 8 (telkens betreffende, kort gezegd, opzetheling) en behelst de klacht dat 's Hofs oordeel dat de onder 8 tot het bewijs gebezigde verklaring van de verdachte, voor zover inhoudende dat "de gestolen spullen die in de blokhut zijn aangetroffen (...) van een vriend [waren] als "kennelijk leugenachtig" dient te worden aangemerkt, ontoereikend is gemotiveerd.

4.2. Een verklaring van de verdachte die naar het oordeel van de rechter kennelijk leugenachtig is en afgelegd om de waarheid te bemantelen, mag volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad tot het bewijs worden gebezigd. Zodanig oordeel zal dan wel voldoende grondslag moeten vinden in vastgestelde feiten en omstandigheden, vervat in een of meer andere voor het bewijs gebezigde bewijsmiddelen (vgl. HR 19 maart 1996, LJN ZD0413, NJ 1996/540, rov. 4.4). Tot bedoelde andere bewijsmiddelen kunnen in ieder geval niet worden gerekend bewijsmiddelen, inhoudende verklaringen van de verdachte zelf (vgl. HR 19 maart 2002, LJN AD8873, NJ 2002/567) of van andere personen die slechts behelzen hetgeen de verdachte hen heeft meegedeeld (vgl. HR 24 mei 2005, LJN AT2897, NJ 2005/396). De omstandigheid dat de verdachte heeft geweigerd omtrent het desbetreffende punt een verklaring te geven, kan niet mede ten grondslag worden gelegd aan het oordeel dat de tot het bewijs gebezigde verklaring van de verdachte kennelijk leugenachtig is en is afgelegd om de waarheid te bemantelen (vgl. HR 19 maart 1996, LJN ZD0413, NJ 1996/540, rov. 4.5).

4.3. Het Hof heeft in zijn hiervoor in 2.3 weergegeven overwegingen klaarblijkelijk geoordeeld dat de onder 8 tot het bewijs van de onder 4 tot en met 8 tenlastegelegde feiten gebezigde verklaring van de verdachte, voor zover inhoudende dat "de gestolen spullen die in de blokhut zijn aangetroffen (...) van een vriend [waren]", kennelijke leugenachtig is en is afgelegd om de waarheid te bemantelen. Voor zover het Hof dat oordeel blijkens zijn overwegingen heeft gegrond op de verklaring van de medeverdachte omtrent de herkomst van de tassen, geldt dat deze verklaring geen steun vindt in ander bewijsmateriaal, zodat niet zonder meer begrijpelijk is dat die verklaring voldoende grondslag biedt voor het oordeel over de kennelijk leugenachtigheid. De door het Hof genoemde omstandigheid dat de verdachte zelf omtrent die herkomst geen verklaring heeft willen geven kan in dit verband, gelet op hetgeen in 4.2 is vooropgesteld, immers geen rol spelen. Door desalniettemin de bedoelde verklaring van de verdachte als kennelijk leugenachtig tot het bewijs te bezigen, is de bewezenverklaring van de feiten 4 tot en met 8 niet naar behoren gemotiveerd.

4.4. Het middel slaagt.

5. Slotsom

Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat de overige middelen geen bespreking behoeven, en als volgt moet worden beslist.

6. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ter zake van het onder 4, 5, 6, 7 en 8 tenlastegelegde en de strafoplegging;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;

verwerpt het beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman, W.F. Groos, J. Wortel en N. Jörg, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken op 3 juli 2012.