Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2012:BW8738

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19-06-2012
Datum publicatie
19-06-2012
Zaaknummer
10/04709
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2012:BW8738
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Slagende bewijsklacht. De redengevende f&o in ’s Hofs bewijsoverweging kunnen niet uit de gebezigde bewijsmiddelen worden afgeleid, noch heeft het Hof in die bewijsoverweging het wettige bewijsmiddel aangegeven waaraan het die f&o heeft ontleend.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2012/900
NJB 2012/1617
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

19 juni 2012

Strafkamer

nr. S 10/04709

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, van 15 oktober 2010, nummer 21/004430-09, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978, wonende te [woonplaats].

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J.J.D. van Doleweerd, advocaat te Amersfoort, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot zodanige op art. 440 Sv gebaseerde beslissing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.

2. Beoordeling van het tweede middel

2.1. Het middel klaagt dat uit de bewijsmiddelen niet blijkt van een aantal redengevende feiten en omstandigheden waarop het Hof in zijn bewijsoverweging een beroep doet.

2.2. Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:

"hij op 11 december 2007 te Breukelen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in het bedrijf gelegen aan de [a-straat 1], heeft weggenomen zeven laptops (met adapters), toebehorende aan [A], waarbij verdachte zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft verschaft en de weg te nemen goederen onder zijn bereik heeft gebracht door gebruik te maken van een valse sleutel, immers heeft hij, verdachte, toen daar gebruik gemaakt van een sleutel die toebehoorde aan [betrokkene 1]."

2.3. Deze bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen:

"1. Een in wettelijke vorm door [verbalisant 1], agent van politie Utrecht, district Rijn en Venen, opgemaakt proces-verbaal, genummerd PL0971/07-390690, gesloten en getekend op 12 december 2007 te Breukelen, als bijlage gevoegd bij het stamproces-verbaal (p. 11 t/m p. 15), voor zover inhoudende de aangifte van [betrokkene 2], - zakelijk weergegeven -:

"Ik doe namens de in deze aangifte genoemde benadeelde aangifte van diefstal door middel van valse sleutel. Het weggenomen goed behoort het bedrijf [A] geheel in eigendom toe. Ik ben de directeur van het bedrijf en ben daardoor gemachtigd tot het doen van aangifte. Niemand had het recht of de toestemming het goed weg te nemen noch om dit te doen door middel van braak, verbreking, inklimming of valse sleutel.

Soort inbraak

Het betreft een voltooide inbraak, de dader(s) zijn binnen geweest en hebben goederen weggenomen.

Datum / tijdstip

Ik vermoed dat het feit gepleegd is tussen dinsdag

11 december 2007 omstreeks 22.08 uur en woensdag

12 december 2007 omstreeks 09.00 uur. Op dinsdag

11 december 2007, omstreeks 19.00 uur is één van mijn medewerkers naar huis gegaan en heeft het alarm ingeschakeld van het pand. Dit kon ik ook zien aan de hand van het alarmsysteem. Deze kan ik namelijk uitlezen. Ik zag ook dat het alarm op diezelfde avond omstreeks 22.08 uur weer was uitgeschakeld. Op woensdag 12 december 2007, omstreeks 09.00 uur kwam één van mijn medewerkers op de zaak en constateerde dat het alarm niet stond ingeschakeld. Het alarm is er dus tussen 22.08 uur en 09.00 uur van vandaag uitgeschakeld geweest.

Beschrijving pand:

Ik zal u nu een beschrijving van het pand geven. Je komt binnen aan de zijde van de [b-straat] te Breukelen. Daar zit een soort entree. Deze entree is gemaakt tussen het bestaande gebouw aan de [a-straat] en de nieuwe aanbouw aan de [b-straat]. Als je deze aanbouw binnen komt dan heb je rechts de nieuwe aanbouw en links het oudere gebouw. Het nieuwe gedeelte bestaat uit één grote ruimte met aan de rechterzijde een opbergruimte. In deze ruimte staan ongeveer acht bureaus. De opbergruimte is te betreden via een deur, welke is afgesloten. In deze opbergruimte worden onder andere laptops opgeborgen.

Gevolgde route naar het pand

Vermoedelijk zijn de dader(s) via de volgende route bij het pand gekomen. De dader(s) zijn binnengekomen via de centrale toegang aan de [b-straat] te Breukelen. Dit is namelijk de locatie waar het alarm is uitgeschakeld.

Wijze van binnenkomst

De dader(s) zijn binnengekomen met een sleutel en via de alarmcode. Het alarm is netjes uitgeschakeld en de deuren zijn geopend met een sleutel. Ik heb een beveiligingssysteem op de deuren zitten, waardoor je exact af kan lezen welke sleutel welke deur heeft geopend. Ik heb op het uitleessysteem gezien dat de deur op dinsdag 11 december 2007 omstreeks 22.08 uur geopend is met sleutelnummer 371.

Route in woning

De dader(s) kwamen na binnenkomst terecht in de hal, waarna ze zijn doorgelopen naar het nieuwe gedeelte. Dit vermoed ik omdat de tijd tussen het uitschakelen van het alarmsysteem en het openen van de opbergkast in het nieuwe gedeelte nog geen minuut bedraagt.

Toedracht

Het alarm is uitgeschakeld met de juiste alarmcode. De dader(s) kennen dus de alarmcode. Ook zijn de deuren geopend met de sleutel, welke gekoppeld zit aan het beveiligingssysteem. De deuren zijn geopend met sleutelnummer 371. Deze sleutel wordt gebruikt door de dames van schoonmaakbedrijf "[B]". Via hen komen drie maal in de week twee dames bij mij schoonmaken. Dit betreffen twee Marokkaanse meisjes. Ik weet verder niet hoe zij heten.

Bijzonderheden inbraak

Door de tijdstippen kan ik zien dat de dader(s) meteen zijn doorgelopen naar de opbergkast in het nieuwe gedeelte. Ze moeten dus hebben geweten dat de laptops, welke zijn weggenomen, in die kast liggen.

Weggenomen goederen

Er zijn zeven (7) laptops weggenomen uit het pand. Zes daarvan stonden in de opbergkast en één stond onder een bureau. Ook zijn alle adapters weggenomen. Zes lagen in de opbergkast bij de laptops en één lag er op het bureau. Het betreft laptops van het merk Dell en Acer. 3x Acer en 4x Dell."

2. Een in wettelijke vorm door [verbalisant 2], brigadier van politie Utrecht, district Rijn en Venen, opgemaakt proces-verbaal, genummerd PL0971/07-390690, gesloten en getekend op 13 december 2007 te Breukelen, als bijlage gevoegd bij het stamproces-verbaal (p. 31 t/m p. 33), voor zover inhoudende de verklaring van getuige [betrokkene 1], - zakelijk weergegeven -:

"Ik begrijp dat u mij vragen wilt stellen over hetgeen er dinsdag 11 december is gebeurd bij het bedrijf [A] aan de [a-straat] in Breukelen. Ik werk drie dagen per week als schoonmaakster voor [B]. Ik maak schoon op het adres [a-straat 1] in Breukelen. Op 7 november 2007 heb ik van de rayonmanager [betrokkene 3] de sleutel overgedragen gekregen.

Op 7 november was ik samen met mijn aanstaande echtgenoot [verdachte] in het pand om de sleutel over te nemen. [Verdachte] en ik hebben toen een rondleiding in het bedrijf gehad. Ik wist dat die sleutel een bepaalde code had en dat er een alarmcode bij hoorde. De code voor het alarm was '[...]'. Ik ben voor het laatst in het pand geweest op maandag 10 december tussen 18:45 uur en 20:30 uur. Ik heb toen ook gewoon de daarvoor bestemde sleutel en de bijhorende code gebruikt.

Op dinsdag 11 december 2007, omstreeks 17:45 uur kwam [verdachte] bij mijn ouders op [de c-straat]. [Verdachte] was aan het werk en was in zijn pauze naar huis gekomen. Ik vroeg daarna aan [verdachte] of hij nog terugkwam. [Verdachte] vroeg toen aan mij: "Heb je de auto nog nodig?" Ik zei van niet, dus [verdachte] nam mijn auto mee. [Verdachte] kwam die avond omstreeks 22:30 of 22:45 uur thuis. De sleutel was in de auto blijven liggen.

U vraagt mij hoe dat zit met die sleutel. Die avond, dinsdag 11 december 2007, omstreeks 21:30 uur merkte ik opeens dat de sleutel van mijn werk kwijt was. Omstreeks 22:00 uur belde ik [verdachte] om te vragen of hij wist waar de sleutel was. Ik hoorde dat [verdachte] toen zei dat de sleutel nog in de auto lag."

3. Een in wettelijke vorm door [verbalisant 3], hoofdagent van politie Utrecht, district Rijn en Venen, opgemaakt proces-verbaal met bijlagen, genummerd PL0971/07-390690, gesloten en getekend op 19 november 2008 te Maarssen, als bijlage gevoegd bij het stamproces-verbaal (p. 28 t/m p. 30), voor zover inhoudende de bevindingen van verbalisant, - zakelijk weergegeven -:

"In het kader van het onderzoek naar de bedrijfsinbraak gepleegd tussen dinsdag 11 december 2007 te 22.08 uur en woensdag 12 december 2007 te 9.00 uur op de [a-straat 1] te Breukelen, heb ik contact opgenomen met het bedrijf [C].

Zij waren ten tijde van de inbraak de werkgever van verdachte [verdachte]. Desgevraagd hebben zij mij een kopie gefaxed van de registratie van de werktijden van [verdachte] uit week 50 van het jaar 2007. Hierop valt af te lezen dat de werktijden die voor verdachte [verdachte] geregistreerd zijn voor dinsdag 11 december 2007, zijn: 13:30 uur tot en met 22:00 uur."

4. Een in wettelijke vorm door [verbalisant 2], brigadier van politie Utrecht, district Rijn en Venen, opgemaakt proces-verbaal met bijlagen, genummerd PL0971/07-390690, gesloten en getekend op 27 november 2008 te Breukelen, als bijlage gevoegd bij het stamproces-verbaal (p. 24 t/m p. 27), voor zover inhoudende de bevindingen van verbalisant, - zakelijk weergegeven -:

"Op woensdag 12 december 2007 werd aangifte gedaan van diefstal van zeven laptops uit een bedrijf in Breukelen. Na die aangifte heeft de aangever de schoonmaakster, die in bezit was van de sleutel en bijhorende activatiecode van het alarm, geconfronteerd met de inbraak. De schoonmaakster, genaamd [betrokkene 1] ontkende iets met de diefstal te maken te hebben. Ik, verbalisant, heb op donderdag 13 december 2007 de schoonmaakster als getuige over de diefstal gehoord. In dat verhoor verklaarde ze onder andere dat haar vriend, genaamd [verdachte], de auto op dinsdagavond 11 december 2007 bij haar heeft opgehaald en daarmee in het bezit was gekomen van de sleutel van het bedrijf. In het onderzoek dat ik, verbalisant [verbalisant 2], daaropvolgend heb ingesteld is mij het volgende gebleken:

Teneinde de betrokkenheid van de schoonmaakster [betrokkene 1], dan wel haar van vriend [verdachte] te onderzoeken heb ik een onderzoek ingesteld naar de gebruikers- en verkeersgegevens van de door beiden gebruikte gsm-telefoons.

VORDERING GEBRUIKERSGEGEVENS 06-[001]

Het telefoonnummer dat [betrokkene 1] tijdens het verhoor opgaf te bezigen betrof 06-[001]. Na de vordering ex art. 126na/126ua van het Wetboek van Strafvordering bleek mij dat dat telefoonnummer van de provider T-mobile was en tenaamgesteld was aan [betrokkene 1], woonachtig op de [c-straat 1] te [woonplaats].

VERKEERSGEGEVENS 06-[001]

Uit de door de provider verstrekte verkeersgegevens aangaande bovengenoemde telefoonnummers bleek het volgende:

Het telefoonnummer van [betrokkene 1] 06-[001]:

- 11.12.2007 22:13:16 werd uitgaand gebeld naar het nummer 06[002]

- 11.12.2007 22:14:58 werd uitgaand gebeld naar het nummer 06[002]

- 11.12.2007 22:21:18 werd uitgaand gebeld naar het nummer 06[002]

- 11.12.2007 22:29:05 werd uitgaand gebeld naar het nummer 06[002]

- 11.12.2007 22:30:22 werd uitgaand gebeld naar het nummer 06[002]

BEZOEK VERDACHTE [verdachte] AAN POLITIEBUREAU

Op 11 januari 2008, verscheen [verdachte] aan het bureau van politie te Breukelen, omdat hij wist, dan wel vermoedde dat hij verdacht werd van betrokkenheid bij de laptopdiefstal. Omdat hij teruggebeld wenste te worden liet hij zijn telefoonnummer aan dienstdoende servicemedewerkster achter. Dit betrof het telefoonnummer 06-[002].

Dit telefoonnummer bleek overeen te komen met het nummer dat [betrokkene 1] gebeld had op dinsdagavond 11 december 2007 tussen 22:13 en 22:30. (zie verkeersgegevens hierboven).

VERKEERSGEGEVENS 06-[002]

Uit de door de provider verstrekte verkeersgegevens aangaande het telefoonnummer 06-[002] bleek het volgende:

-11.12.2007 22:13:16 werd inkomend gebeld door het nummer 06-[001] ([betrokkene 1]). Gesprek doorgeschakeld. Geen paallokatie.

-11.12.2007 22:14:58 werd inkomend gebeld door het nummer 06-[001] ([betrokkene 1]). Gesprek doorgeschakeld. Geen paallokatie.

-11.12.2007 22:21:18 werd inkomend gebeld door het nummer 06-[001] ([betrokkene 1]). Gesprek doorgeschakeld. Geen paallokatie.

-11.12.2007 22:23:44 sms ontvangen van beller 19426 (voicemail). Paallokatie gebelde: onbekend

- 11.12.2007 22:23:48 sms ontvangen van beller 06[001] ([betrokkene 1]). Paallokatie gebelde: onbekend

- 11.12.2007 22:27:01 inkomend gebeld door 06-[003]. Paallokatie gebelde: [d-straat 1], Breukelen.

- 11.12.2007 22:29:05 inkomend gebeld door 06-[001] ([betrokkene 1]). Paallokatie gebelde: [d-straat 1], Breukelen.

- 11.12.2007 22:30:22 inkomend gebeld door 06-[001]. Paallokatie gebelde: onbekend.

- 11.12.2007 22:37:11 inkomend gebeld door 06-[003] Paallokatie gebelde: [e-straat 1], Utrecht.

Uit de verkeersgegevens behorende bij het telefoonnummer 06-[002] kan worden afgeleid dat de telefoon de gsm-paallokatie op de [e-straat] in Breukelen heeft aangestraald. Daaruit kan worden afgeleid dat de telefoon met het nummer 06-[002] in Breukelen is geweest."

5. Een in wettelijke vorm door [verbalisant 3] en [verbalisant 4], beiden hoofdagent van politie Utrecht, district Rijn en Venen, opgemaakt proces-verbaal, genummerd PL0971/07-390690, gesloten en getekend op 18 november 2008 te Houten, als bijlage gevoegd bij het stamproces-verbaal (p. 41 t/m p. 45), voor zover inhoudende de verklaring van verdachte, - zakelijk weergegeven -:

"O = Opmerking

V = Vraag

A = Antwoord

A: Ik ben na mijn werk naar mijn vriendin gegaan. Zij woonde toen op [c-straat]. Ik ben toen via de MacDonalds naar het Zebraspoor gereden. Ik ben ongeveer 5 of 10 minuten later aangekomen.

O: Jouw vriendin heeft jou toen nog gebeld. Zij belde jou over de sleutels van het werk.

A: Dat kan, die waren in de auto. Dat waren werksleutels van haar, van het pand of van het huis. Ze vroeg of die sleutels in de auto lagen. Daar lagen ze ook, die lagen in het bakje bij die versnellingspook.

V: Op welke nummer belde zij jou?

A: Op dat nummer wat ik net heb gegeven van T-Mobile.

O: We willen het nog even hebben over het werk van je vriendin. Je vertelde dat ze een paar avonden in de week in Breukelen werkt als schoonmaakster.

V: Hoe is zij aan die baan gekomen?

A: Via mij, via een vriend van mij. Ik heb haar aan die baan geholpen.

V: Wanneer ben je daar geweest?

A: De eerste dag, toen mijn vrouw begon. Dat was ongeveer 3 à 4 weken voor die inbraak gebeurde.

V: Waarom was je daar toen?

A: We hadden een afspraak gemaakt en de gegevens doorgegeven. We zijn toen samen daar naartoe gegaan om de sleutel te regelen.

V: Hoe is die introductie toen verlopen?

A: Ze hebben laten zien waar ze moest schoonmaken en waar de spullen lagen.

V: Dus je moest een sleutel regelen zei je?

A: Ja die had mijn vrouw van die vrouw gekregen. Met die sleutel kan ze het pand openen en sluiten."

6. Een in wettelijke vorm door [verbalisant 3] en [verbalisant 4], beiden hoofdagent van politie Utrecht, district Rijn en Venen, opgemaakt proces-verbaal, genummerd PL0971/07-390690, gesloten en getekend op 18 november 2008 te Houten, als bijlage gevoegd bij het stamproces-verbaal (p. 46 t/m p. 48), voor zover inhoudende de verklaring van verdachte, - zakelijk weergegeven -:

"V: Dus jij wist de alarmcode die jouw vrouw gebruikte?

A: Ja"."

2.4. In de bestreden uitspraak heeft het Hof met betrekking tot het bewijs het volgende overwogen:

"Het hof is van oordeel dat het door verdachte gevoerde verweer strekkende tot vrijspraak van het tenlastegelegde wordt weersproken door de gebezigde bewijsmiddelen. Het hof heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van die bewijsmiddelen te twijfelen.

Uit de gebezigde bewijsmiddelen leidt het hof het volgende af:

- er is ingebroken bij het bedrijf waar de vrouw van verdachte werkzaam was. Hierbij is gebruik gemaakt van haar sleutel, waaraan een specifiek nummer verbonden is, en is met behulp van haar alarmcode het alarm uitgeschakeld;

- de vrouw van verdachte heeft verklaard dat, naast haar, verdachte de enige was die weet had van de code van het alarm;

- verdachte is eerder ter plaatse geweest en heeft een rondleiding binnen het bedrijf gehad;

- de persoon of personen die het pand zijn binnengegaan was of waren klaarblijkelijk bekend met de locatie van de buit;

- de werkgever van verdachte heeft verklaard dat verdachte om 22:00 uur is gestopt met werken;

- de vrouw van verdachte heeft verklaard dat verdachte tussen 22:30 en 22:45 uur is thuisgekomen en dat de reistijd van zijn werk naar huis ongeveer 5 minuten bedraagt;

- het pand is om 22:08 uur geopend met de sleutel van de vrouw van verdachte, welke sleutel op dat moment in het bezit van verdachte was;

- de telefoon van verdachte heeft ten tijde van de inbraak, te weten om 22:27 uur en om 22:29 uur een zendmast in Breukelen aangestraald.

Gelet op voornoemde omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, is het hof van oordeel dat het niet anders kan zijn dan dat verdachte degene is geweest die de laptops heeft weggenomen."

2.5. In de klacht wordt gedoeld op de navolgende hiervoor in de bewijsoverweging onder 2.4 weergegeven onderdelen:

(i) de vrouw van de verdachte heeft verklaard dat, naast haar, de verdachte de enige was die weet had van de code van het alarm, en

(ii) de werkgever van de verdachte heeft verklaard dat de verdachte om 22:00 uur is gestopt met werken.

2.6. Blijkens zijn onder 2.4 weergegeven bewijsoverweging, heeft het Hof de in het middel bedoelde en in 2.5 weergegeven feiten en omstandigheden redengevend geacht voor de bewezenverklaring. Nu deze feiten en omstandigheden niet uit de gebezigde bewijsmiddelen kunnen worden afgeleid - meer in het bijzonder niet uit de inhoud van de hiervoor onder 2 en 3 weergegeven bewijsmiddelen -, en het Hof in zijn bewijsoverweging niet het wettige bewijsmiddel heeft aangegeven waaraan het die feiten en omstandigheden heeft ontleend, is de bewezenverklaring niet naar de eis der wet met redenen omkleed.

2.7. In zoverre treft het middel doel.

3. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen, brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, het eerste middel geen bespreking behoeft en als volgt moet worden beslist.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

verwijst de zaak naar het Gerechtshof te Arnhem, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren W.F. Groos en J. Wortel, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken op 19 juni 2012.