Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2012:BV6484

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-04-2012
Datum publicatie
20-04-2012
Zaaknummer
11/05365
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2012:BV6484
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2011:BX7347
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Familierecht. Machtiging uithuisplaatsing; art. 1:261 BW. Rechtens relevant belang ouder om rechtmatigheid uithuisplaatsing te laten toetsen (art. 8 EVRM); geen ontzegging procesbelang op enkele grond dat periode waarvoor maatregel gold, is verstreken (vgl. HR 14 oktober 2011, LJN BR5151, NJ 2011/596).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2012/617
NJB 2012/1048

Uitspraak

20 april 2012

Eerste Kamer

11/05365

EE

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De moeder],

wonende te [woonplaats], Belgiƫ,

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P.S. Kamminga,

t e g e n

STICHTING BUREAU JEUGDZORG NOORD-BRABANT,

gevestigd te Eindhoven,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de moeder en Jeugdzorg.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikking in de zaak met nummers 234507 JE RK 11-738 en 234524 JE RK 11-742 van de rechtbank Breda van 31 mei 2011;

b. de beschikking in de zaak 200.088.837/01 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 8 september 2011.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

Jeugdzorg heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot vernietiging, en tot verwijzing van de zaak.

3. Beoordeling van het middel

3.1 In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.

Uit het inmiddels door echtscheiding ontbonden huwelijk van de moeder en [de vader] zijn twee kinderen geboren. [Kind 1] is geboren op [geboortedatum] 2001 en [kind 2] op [geboortedatum] 2002. Beide ouders hebben het gezag over de minderjarigen.

De minderjarigen zijn sinds 22 september 2010 onder toezicht gesteld van Jeugdzorg.

3.2 Bij beschikking van 31 mei 2011 heeft de rechtbank een machtiging verleend aan Jeugdzorg om de minderjarigen met ingang van 27 mei 2011 tot het einde van de ondertoezichtstelling, doch uiterlijk tot 22 juni 2011 uit huis te plaatsen in een "verblijf accommodatie zorgaanbieder 24 uur".

De moeder heeft in hoger beroep verzocht de beschikking van de rechtbank te vernietigen. Het hof heeft in zijn beschikking van 8 september 2011 dit verzoek afgewezen en heeft daartoe het volgende overwogen.

"3.4.4. Het hof is van oordeel dat de moeder geen belang meer heeft bij het ingestelde hoger beroep, nu de termijn waarvoor de machtiging uithuisplaatsing was verleend ten tijde van de mondelinge behandeling bij het hof reeds was verstreken."

3.3 Het middel, dat opkomt tegen dit oordeel van het hof, is terecht voorgesteld. In een geval als het onderhavige, waarin een ouder opkomt tegen een uithuisplaatsing van minderjarige kinderen, heeft deze ouder, gelet op het door art. 8 EVRM gewaarborgde recht op eerbiediging van het gezinsleven, een rechtens relevant belang erbij om de rechtmatigheid van de uithuisplaatsing te laten toetsen, en behoort aan deze ouder mitsdien niet het procesbelang te worden ontzegd op de enkele grond dat de periode waarvoor de maatregel gold, inmiddels is verstreken (vgl. HR 14 oktober 2011, LJN BR5151, NJ 2011/596).

De beschikking van het hof kan derhalve niet in stand blijven.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de beschikking van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 8 september 2011;

verwijst het geding naar dat hof ter verdere behandeling en beslissing.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 20 april 2012.