Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2012:BV0619

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
23-03-2012
Datum publicatie
23-03-2012
Zaaknummer
10/04436
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2012:BV0619
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 RO. Afgelegde tentamens ongeldig verklaard wegens fraude. Toerekenbare tekortkoming Hogeschool? Weigering toelating tot tegenbewijs niet onjuist of onbegrijpelijk; art. 151 Rv.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2012/459
RAV 2012/61
JWB 2012/156
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

23 maart 2012

Eerste Kamer

10/04436

EE/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie, verweerder in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,

advocaat: mr. S. Kousedghi,

t e g e n

STICHTING HOGER BEROEPSONDERWIJS HAAGLANDEN EN RIJNSTREEK, voorheen handelend onder de naam "De Haagse Hogeschool",

gevestigd te 's-Gravenhage,

VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,

advocaat: mr. J.H. van Gelderen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Hogeschool.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 288344/HA ZA 07-1702 van de rechtbank 's-Gravenhage van 30 juli 2008;

b. het arrest in de zaak 200.017.257/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 1 juni 2010.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De Hogeschool heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.

De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.

Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-Van Gent strekt tot verwerping.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 20 januari 2012 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel in het principale beroep

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

in het principale beroep:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Hogeschool begroot op € 385,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 23 maart 2012.