Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2011:BS1684

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18-11-2011
Datum publicatie
18-11-2011
Zaaknummer
10/01815
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2011:BS1684
In cassatie op : ECLI:NL:GHARN:2010:BL5742, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 RO. IPR. Toepasselijk huwelijksvermogensrecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2011/1423
JWB 2011/546

Uitspraak

18 november 2011

Eerste Kamer

nr. 10/01815

RM/IF

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De man],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[De vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man en de vrouw.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikkingen in de zaak 92386 ES RK 08-215 van de rechtbank Almelo van 5 maart 2008, 28 mei 2008, 19 november 2008 en 11 maart 2009;

b. de beschikking in de zaak 200.041.233 van het gerechtshof Arnhem van 2 februari 2010.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vrouw heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 18 november 2011.