Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2011:BQ5082

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
08-07-2011
Datum publicatie
08-07-2011
Zaaknummer
10/01466
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2011:BQ5082
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 RO. Arbeidsrecht. Toepasselijkheid uitzonderingsregel art. 7:667 lid 4 BW (zgn. Ragetlie-regel); opvolgende overeenkomsten?

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 7
Burgerlijk Wetboek Boek 7 667
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2011/921
JWB 2011/393
JAR 2011/210
AR-Updates.nl 2011-0552
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

8 juli 2011

Eerste Kamer

10/01466

RM/IF

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats], Duitsland,

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. R.K. van der Brugge,

t e g e n

STICHTING CARDIA,

gevestigd te 's-Gravenhage,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Cardia.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het kortgedingvonnis in de zaak 780277 RL EXPL 08-19652 van de kantonrechter te 's-Gravenhage van 7 oktober 2008;

b. het arrest in de zaak 200.018.491/01 SKG van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 12 januari 2010.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen Cardia is verstek verleend.

De zaak is voor Cardia toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 17 mei 2011 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Cardia begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren E.J. Numann, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 8 juli 2011.