Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2011:BQ3010

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24-06-2011
Datum publicatie
24-06-2011
Zaaknummer
10/00483
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2011:BQ3010
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Procesrecht. Goede procesorde verzet zich ertegen, tegen de arresten bij één en hetzelfde exploot van dagvaarding cassatieberoep in te stellen, nu de arresten waarvan beroep niet zijn gewezen tussen dezelfde partijen en ook geen voeging wegens verknochtheid is bevolen van de gedingen waarin de arresten zijn gewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2011/797
JWB 2011/328
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

24 juni 2011

Eerste Kamer

10/00483

RM/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [Eiseres 1],

gevestigd te [vestigingsplaats],

alsmede haar vennoten:

[Betrokkene 1],

[Betrokkene 2],

[Betrokkene 3],

allen wonende te [woonplaats],

2. [Eiser 2],

wonende te [woonplaats],

3. [Eiser 3],

wonende te [woonplaats],

4. [Eiser 4],

wonende te [woonplaats],

5. [Eiser 5],

wonende te [woonplaats],

6. [Eiseres 6],

gevestigd te [vestigingsplaats],

alsmede haar vennoten:

[Betrokkene 4],

[Betrokkene 5],

beiden wonende te [woonplaats],

7. [Eiseres 7],

gevestigd te [vestigingsplaats],

alsmede haar vennoten:

[Betrokkene 6],

[Betrokkene 7],

beiden wonende te [woonplaats],

8. [Eiseres 8],

gevestigd te [vestigingsplaats],

9. [Eiseres 9],

gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERS tot cassatie,

advocaat: Mr. P.J.L.J. Duijsens,

t e g e n

1. [Verweerster 1],

gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [Verweerster 2],

gevestigd te [vestigingsplaats],

3. [Verweerster 3],

gevestigd te [vestigingsplaats],

4. [Verweerster 4],

gevestigd te [vestigingsplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerster] c.s.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van de gedingen in hoger beroep verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de arresten in de zaken 03/738 (105.000.986) en 03/739 (105.000.987) van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 8 september 2005, 23 februari 2006, 28 augustus 2008 en 22 september 2009.

b. de arresten in de zaken 02/177 (105.000.502) en 02/178 (105.000.503) van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 23 oktober 2003, 8 september 2005, 23 februari 2006, 28 augustus 2008 en 22 september 2009.

2. Het geding in cassatie

Tegen de onder a. en b. hiervoor genoemde arresten van het hof van 8 september 2005, 28 augustus 2008 en 22 september 2009 alsmede tegen het onder b. hiervoor genoemde arrest van 23 februari 2006 hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld.

De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen [verweerster] c.s. is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door hun advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiser] c.s. in hun cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 2 mei 2011 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

Het cassatieberoep is gericht tegen drie arresten van het gerechtshof te 's-Gravenhage gewezen in de zaak met rolnummer/zaaknummer 105.000.986, drie arresten van dat hof gewezen in de zaak met rolnummer/zaaknummer 105.000.987, en vier arresten van dat hof gewezen in de zaak met rolnummer/zaaknummer 105.000.502. Het hof heeft de zaken met de rolnummers/zaaknummers 105.000.986 en 105.000.987 in gezamenlijke arresten behandeld en afgedaan, maar de zaak met rolnummer/zaaknummer 105.000.502 in afzonderlijke arresten behandeld en afgedaan. De arresten waarvan beroep zijn niet gewezen tussen dezelfde partijen, terwijl het hof ook niet voeging wegens verknochtheid heeft bevolen van de gedingen waarin die arresten zijn gewezen. De goede procesorde verzet zich ertegen dat tegen die arresten bij één en hetzelfde exploot van dagvaarding cassatieberoep wordt ingesteld.

Eisers kunnen derhalve niet worden ontvangen in hun beroep.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verklaart [eiser] c.s. niet-ontvankelijk in hun beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] c.s. begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren E.J. Numann, als voorzitter, A.M.J. van Buchem-Spapens, J.C. van Oven, C.A. Streefkerk en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 24 juni 2011.