Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2011:BQ0712

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10-06-2011
Datum publicatie
10-06-2011
Zaaknummer
10/04454
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2011:BQ0712
Rechtsgebieden
Strafrecht
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

(Art. 81 RO). WSNP. Afwijzing verzoek tot uitspreken van de toepassing van de schuldsaneringsregeling omdat niet aannemelijk is dat de schuldenaar te goeder trouw is geweest ten aanzien van het ontstaan of onbetaald laten van schulden (als bedoeld in art. 288 lid 1 onder b F.).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2011/730
JWB 2011/302
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10 juni 2011

Eerste Kamer

10/04454

EV/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Verzoeker],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen.

Verzoeker tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 454598/FT-RK 10.539 van de rechtbank Amsterdam van 1 juni 2010,

b. het arrest in de zaak 200.068.032/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 5 oktober 2010.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is vastgesteld op 26 mei 2011 en gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 10 juni 2011.