Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2011:BO4657

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18-01-2011
Datum publicatie
18-01-2011
Zaaknummer
09/01760
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2011:BO4657
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 420bis Sr en art. 420ter Sr zijn per 14 december 2001 in werking getreden. Dat betekent dat de bewezenverklaarde gedragingen gepleegd voor die datum niet strafbaar zijn o.g.v. die bepalingen. Het Hof heeft het bewezenverklaarde voor zover het die periode betreft ten onrechte gekwalificeerd als het maken van een gewoonte van witwassen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2011/163
NJB 2011, 310
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

18 januari 2011

Strafkamer

nr. 09/01760

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 7 april 2009, nummer 23/002659-08, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962, wonende te [woonplaats].

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Jörg heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het eerste middel

2.1. Het middel klaagt dat het Hof de verdachte ten onrechte schuldig heeft verklaard aan het maken van een gewoonte van het plegen van witwassen in de periode vóór 14 december 2001.

2.2. Het Hof heeft met bevestiging van het vonnis van de Rechtbank ten laste van de verdachte bewezenverklaard dat:

"hij in de periode van 1 januari 2000 tot en met 13 november 2007 te Zandvoort van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij verdachte meermalen geldbedragen en een personenauto, merk Chrysler, type PT Cruiser met het kenteken [AA-00-BB] en een personenauto, merk BMW, type 6ER Reihe, 645 met het kenteken [CC-00-DD] verworven en voorhanden gehad, terwijl hij wist dat boven omschreven geldbedragen en goederen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf."

2.3. Het Hof heeft, het vonnis van de Rechtbank ook in zoverre bevestigend, het bewezenverklaarde gekwalificeerd als "gewoontewitwassen" en als toepasselijke wettelijke voorschriften de art. 420bis en art. 420ter Sr aangehaald.

2.4. De art. 420bis en art. 420ter Sr zijn bij wet van 6 december 2001 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht en enkele andere wetten in verband met de strafbaarstelling van het witwassen van opbrengsten van misdrijven (Stb. 2001, 606) in het wetboek van Strafrecht opgenomen. De wet van 6 december 2001 is in werking getreden op 14 december 2001. Dit betekent dat de bewezenverklaarde gedragingen voor zover zij zijn gepleegd in de periode van 1 januari 2000 tot 14 december 2001 niet strafbaar zijn op grond van de art. 420bis en art. 420ter Sr. Het Hof heeft het bewezenverklaarde voor zover het die periode betreft ten onrechte gekwalificeerd als het maken van een gewoonte van witwassen.

2.5. Het middel is terecht voorgesteld.

3. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, de overige middelen geen bespreking behoeven en als volgt moet worden beslist.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren W.M.E. Thomassen en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier S.C. Rusche, en uitgesproken op 18 januari 2011.