Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2010:BN6254

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
05-11-2010
Datum publicatie
05-11-2010
Zaaknummer
09/03728
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BN6254
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Cassatie. Aan een cassatiemiddel te stellen eisen (407 lid 2 Rv.); de rechtsregel dat de middelen van cassatie in de cassatiedagvaarding dienen te staan en niet voor het eerst bij pleidooi in cassatie of in een daarvoor in de plaats komende schriftelijke toelichting mogen worden aangevoerd, vindt haar rechtvaardiging in het beginsel van hoor en wederhoor dat onderdeel uitmaakt van het begrip “eerlijk proces” als bedoeld in art. 6 EVRM. (81 RO)

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2010/1334
JWB 2010/461
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

5 november 2010

Eerste Kamer

09/03728

DV/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [De zuster],

2. [De moeder],

beiden wonende te [woonplaats],

EISERESSEN tot cassatie,

advocaat: mr. M.L. Kleyn,

t e g e n

[De zoon],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ieder afzonderlijk ook worden aangeduid als respectievelijk de zuster, de moeder en de zoon.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 145323/HA ZA 06-1611 van de rechtbank Arnhem van 6 december 2006, 28 februari 2007, 21 november 2007 en 20 februari 2008;

b. het arrest in de zaak 200.006.427 van het gerechts-hof te Arnhem van 21 juli 2009.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben de moeder en de zuster beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen de zoon is verstek verleend.

De zaak is voor de moeder en de zuster toegelicht door hun advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt de moeder en de zuster in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de zoon begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 5 november 2010.