Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2010:BL6271

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
07-05-2010
Datum publicatie
07-05-2010
Zaaknummer
09/01571
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BL6271
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad beroepsbeoefenaar? Derde of contractspartij? Ontvangsttheorie art. 3:37 lid 3 BW. (art. 81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2010, 630
JWB 2010/194
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

7 mei 2010

Eerste Kamer

09/01571

EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiseres],

gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. R.T.R.F. Carli,

t e g e n

1. [Verweerder 1],

kantoorhoudende te [plaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. D.M. de Knijff,

2. [Verweerder 2],

kantoorhoudende te [plaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: B.T.M. van der Wiel.

Eiseres tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en verweerders, ieder afzonderlijk, als [verweerder 1] en [verweerder 2].

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 55353 HAZA 04-2518 van de rechtbank Dordrecht van 17 november 2004, 30 november 2005 en 29 maart 2006,

b. het arrest in de zaak 105.004.840/01 (rolnummer 06/628) van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 2 december 2008.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerder 1] en [verweerder 2] hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [verweerder 2] mede door mr. M.P.M. Martens, advocaat bij de Hoge Raad.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 RO. De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 9 maart 2010 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder 1] begroot op € 1.256,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris en aan de zijde van [verweerder 2] begroot op € 1.256,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 7 mei 2010.