Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2010:BK8099

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19-02-2010
Datum publicatie
19-02-2010
Zaaknummer
08/02705
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BK8099
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Verbintenissenrecht. Geschil over betaling schadeloosstelling n.a.v. beëindigingsregeling arbeidsovereenkomst (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 150
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2010, 339
JWB 2010/64
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

19 februari 2010

Eerste Kamer

08/02705

EE/IS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. W.G.M. Nannings,

t e g e n

[Verweerder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. E. Grabandt.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instanties

[Eiser] heeft bij exploot van 17 januari 2005 [verweerder] gedagvaard voor de rechtbank Amsterdam en gevorderd, kort gezegd, [verweerder] te veroordelen aan [eiser] te betalen een bedrag van € 67.500,--, met rente en kosten.

[Verweerder] heeft de vordering bestreden.

De rechtbank heeft, na bij tussenvonnis van 27 april 2005 een comparitie van partijen te hebben gelast en bij tussenvonnis van 28 september 2005 een getuigenverhoor te hebben bevolen, bij eindvonnis van 6 september 2006 [verweerder] veroordeeld tot betaling aan [eiser] een bedrag van € 67.500,-- vermeerderd met de wettelijke rente.

Tegen de vonnissen van 28 september 2005 en 6 september 2006 heeft [verweerder] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.

Bij arrest van 13 maart 2008 heeft het hof de bestreden vonnissen van de rechtbank vernietigd en, opnieuw rechtdoende, de vordering van [eiser] alsnog afgewezen.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [verweerder] mede door mr. L. Kelkensberg, advocaat bij de Hoge Raad.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 30 december 2009 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 1.219,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.A.M. van Schendel op 19 februari 2010.