Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2010:BK5987

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
22-01-2010
Datum publicatie
22-01-2010
Zaaknummer
08/02279
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BK5987
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Onrechtmatige daad. Geschil over onbetaalde factuur voor werkzaamheden voor een opdrachtgever die kort daarop op eigen aanvraag failliet is verklaard (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2010, 189
JWB 2010/11
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

22 januari 2010

Eerste Kamer

08/02279

EE/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiseres],

gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. J.J.M. van Lint,

t e g e n

[Verweerder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. P.S. Kamminga.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instanties

[Eiseres] heeft bij exploot van 12 juli 2006 [verweerder] gedagvaard voor de rechtbank Zutphen en, na vermindering van eis, gevorderd, kort gezegd,

- voor recht te verklaren dat [verweerder], door te handelen zoals in de inleidende dagvaarding omschreven, onrechtmatig heeft gehandeld en

- [verweerder] te veroordelen tot betaling van € 26.459,--, dan wel een zodanig bedrag als de rechtbank in goede justitie meent te behoren, vermeerderd met rente en kosten.

[Verweerder] heeft de vordering bestreden en, in reconventie, gevorderd, kort gezegd, [eiseres] te veroordelen mee te werken aan doorhaling van de door [eiseres] gelegde conservatoire beslagen onder [verweerder], onder verbeurte van een dwangsom van € 250,-- per dag waarop [eiseres] nalatig blijft.

De rechtbank heeft, na bij tussenvonnis van 4 oktober 2006 een comparitie van partijen te hebben gelast, bij eindvonnis van 29 november 2006 in conventie de vorderingen afgewezen. In reconventie heeft de rechtbank de door [eiseres] ten laste van [verweerder] gelegde conservatoire beslagen opgeheven en het meer of anders gevorderde afgewezen.

Tegen het eindvonnis van de rechtbank heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.

Bij arrest van 12 februari 2008 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.

De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 17 december 2009 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 866,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 22 januari 2010.