Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2009:BK0158

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11-12-2009
Datum publicatie
11-12-2009
Zaaknummer
09/01848
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2009:BK0158
In cassatie op : ECLI:NL:GHSGR:2009:BH9490, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Familierecht. Geschil over omgangsregeling minderjarige kinderen (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2010, 12
JWB 2009/490
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

11 december 2009

Eerste Kamer

09/01848

EE/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De vader],

verblijvende in de penitentiaire inrichting Torentijd te Middelburg,

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[De moeder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. V.K.S. Budhu Lall.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vader en de moeder.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 26 juli 2006 ter griffie van de rechtbank Middelburg ingediend verzoekschrift heeft de vader zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, te bepalen dat de moeder de vader, om de drie maanden, informeert met betrekking tot de drie minderjarige kinderen van partijen (hierna: de kinderen) en de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) te verzoeken onderzoek te doen naar de mogelijkheid van een eventuele omgangsregeling met de kinderen.

De moeder heeft het verzoek bestreden.

De rechtbank heeft bij beschikking van 29 november 2006 aan de vader het recht op omgang met de kinderen ontzegd en het verzoek tot het vaststellen van een informatieregeling afgewezen.

Tegen deze beschikking heeft de vader hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.

Bij tussenbeschikking van 19 maart 2008 heeft het hof de Raad verzocht een vooronderzoek in te stellen zoals in rov. 6 is uiteengezet en daaromtrent rapport en advies uit te brengen.

Bij eindbeschikking van 11 februari 2009 heeft het hof de bestreden beschikking vernietigd, voorzover daarin de vader het recht op omgang is ontzegd, en, in zoverre opnieuw beschikkende, het inleidend verzoek van de vader tot vaststelling van een omgangsregeling afgewezen. Het hof heeft de bestreden beschikking voor het overige bekrachtigd.

De eindbeschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de eindbeschikking van het hof heeft de vader beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De moeder heeft bij verweerschrift verzocht het beroep niet-ontvankelijk te verklaren dan wel dit verzoek af te wijzen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 11 december 2009.