Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2009:BJ9718

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
09-10-2009
Datum publicatie
30-11-2009
Zaaknummer
08/04077
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Verfijnde fosfaatheffing; art. 22, 24 en 52 Meststoffenwet. Verbindendheid uitvoeringsregelingen Meststoffenwet. 81 Ro.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

nr. 08/04077

9 oktober 2009

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van Maatschap X te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 6 augustus 2008, nr. 03/02015, betreffende een naheffingsaanslag in de verfijnde fosfaatheffing.

1. Het geding in feitelijke instantie

Aan belanghebbende is over het jaar 1998 een naheffingsaanslag in de verfijnde fosfaatheffing opgelegd, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur van het Bureau heffingen (thans: Dienst Regelingen) van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (hierna: de Inspecteur) is gehandhaafd.

Bij ambtshalve gegeven beschikking van de Inspecteur is nadien de aanslag verminderd.

Het Hof heeft het tegen de uitspraak van de Inspecteur ingestelde beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de Inspecteur vernietigd en de aanslag verminderd tot een aanslag ten bedrage van ƒ 79.792 (€ 36.208), hetgeen de Hoge Raad aldus verstaat dat het Hof de aanslag heeft gehandhaafd zoals die na de ambtshalve verleende vermindering was komen te luiden.

2. Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft een verweerschrift ingediend.

Partijen hebben de zaak doen toelichten, belanghebbende door mr. J.T.A.M. van Mierlo, advocaat te Deventer, de Minister door mr. A.L. Kruijmer, advocaat te 's-Gravenhage.

3. Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

5. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de vice-president D.G. van Vliet als voorzitter, en de raadsheren C.B. Bavinck en J.A.C.A. Overgaauw, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 9 oktober 2009.