Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2009:BJ9437

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
04-12-2009
Datum publicatie
04-12-2009
Zaaknummer
08/03158
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2009:BJ9437
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Familierecht. Echtscheiding. Wordt met gezag belaste ouder voor onbepaalde tijd de omgang met haar kind ontzegd? Geschil tussen voormalige echtelieden over kinderalimentatie. (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2009, 1422
JWB 2009/475
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

4 december 2009

Eerste Kamer

08/03158

EE/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De moeder],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaten: mrs. J. Brandt en M.A.M. Essed,

t e g e n

[De vader],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. M.S. van Muijden.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de moeder en de vader.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 22 februari 2005 ter griffie van de rechtbank te Dordrecht ingediend verzoekschrift heeft de vader zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, echtscheiding tussen partijen uit te spreken met nevenvoorzieningen. De vader heeft onder meer verzocht te bepalen dat de hoofdverblijfplaats van de minderjarige kinderen van partijen, [kind 1] en [kind 2], bij hem zal zijn, en dat de moeder een bedrag van € 250,-- per maand per kind aan kinderalimentatie zal voldoen.

De moeder heeft verzocht het verzoek tot echtscheiding toe te wijzen. Daarnaast heeft de moeder voornoemde nevenvoorzieningen bestreden en bij wege van zelfstandig verzoek verzocht te bepalen dat de hoofdverblijfplaats van [de kinderen] bij haar zal zijn en dat de vader een bedrag van € 250,-- per maand per kind aan kinderalimentatie aan de vrouw zal voldoen.

De rechtbank heeft bij beschikking van 23 mei 2007 tussen partijen echtscheiding uitgesproken en bepaald dat de hoofdverblijfplaats van [kind 1] bij de vader zal zijn en dat [kind 2] afwisselend een week bij de vader en een week bij de moeder zal verblijven. Daarnaast heeft de rechtbank bepaald dat de moeder, ten behoeve van [kind 1], aan de vader een bedrag van € 250,-- per maand zal voldoen, en ten behoeve van [kind 2] een bedrag van € 116,-- per maand, en dat de vader ten behoeve van [kind 2] aan de vrouw een bedrag van € 8,-- per maand zal voldoen. Het meer of anders verzochte heeft de rechtbank afgewezen.

Tegen deze beschikking heeft de moeder hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.

Bij beschikking van 23 april 2008 heeft het hof de beschikking van de rechtbank, voorzover aan het oordeel van het hof onderworpen, bekrachtigd en het meer of anders verzochte afgewezen.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vader heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 4 december 2009.