Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2009:BJ7319

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
23-10-2009
Datum publicatie
23-10-2009
Zaaknummer
08/03685
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2009:BJ7319
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Overeenkomstenrecht. Geschil over uitleg en uitvoering van vaststellingsovereenkomst (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81, geldigheid: 2009-10-23
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2009, 1225
JWB 2009/391

Uitspraak

23 oktober 2009

Eerste Kamer

08/03685

DV/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

B.M.K. BEHEER B.V.,

gevestigd te Utrecht,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. J.A.M.A. Sluysmans.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en BMK.

1. Het geding in feitelijke instanties

BMK heeft bij exploot van 18 juli 2005 [eiser] en [A] B.V. gedagvaard voor de rechtbank Utrecht en gevorderd, voor zover in cassatie van belang, kort gezegd, primair [eiser] en subsidiair [A] B.V., te veroordelen tot betaling aan BMK een bedrag van € 200.000,-- met rente en kosten.

De rechtbank heeft, na tegen gedaagden verstek te hebben verleend, bij vonnis van 7 september 2005 [eiser] veroordeeld om aan BMK te betalen een bedrag van € 200.000,--, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119a BW over het nog niet betaalde deel van het toegewezen bedrag vanaf 1 juli 2005 tot de dag van volledige betaling.

Tegen dit verstekvonnis hebben [eiser] en [A] B.V. verzet gedaan bij de rechtbank en gevorderd, kort gezegd, dat de rechtbank het verzet gegrond verklaard, [eiser] ontheft van de veroordelingen in het vonnis en de vorderingen van BMK alsnog afwijst.

BMK heeft de vorderingen bestreden.

Na mondelinge behandeling heeft de rechtbank bij vonnis van 29 maart 2006 het verzet ongegrond verklaard en het verstekvonnis van de rechtbank van 7 september 2005 bekrachtigd.

Tegen het, bij herstelvonnis van 2 augustus 2006 verbeterde, vonnis van 29 maart 2006 heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.

Bij arrest van 28 februari 2008 heeft het hof het bestreden vonnis bekrachtigd.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

BMK heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van BMK begroot op € 6.052,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 23 oktober 2009.