Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2009:BJ2572

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16-10-2009
Datum publicatie
16-10-2009
Zaaknummer
09/00743
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2009:BJ2572
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Familierecht. Verzoek tot wijziging regeling als bedoeld in art. 1:377b lid 1 BW op grond waarvan de moeder de vader twee keer per jaar schriftelijke informatie over hun zoon alsmede een recente foto moet verschaffen. Rechtvaardigt belang kind ontzegging recht op informatie vader (art. 1:377b lid 2 BW)? Proceskosten. (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81, geldigheid: 2009-10-16
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2009, 1214
JWB 2009/387

Uitspraak

16 oktober 2009

Eerste Kamer

09/00743

EE/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De moeder],

wonende op een geheim adres,

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[De vader],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. E.C.M. Hurkens.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de moeder en de vader.

1. Het geding in feitelijke instanties

Bij beschikking van het gerechtshof Leeuwarden van 28 december 2005 heeft het hof de beschikking van de rechtbank Assen van 20 oktober 2004, waarbij de rechtbank heeft bepaald dat de vrouw de man twee keer per jaar, in het voorjaar (mei) en het najaar (oktober), schriftelijk dient te informeren over de ontwikkeling van het minderjarige kind, [de zoon], en in die brief steeds een recente foto van het kind dient bij te voegen, bekrachtigd.

Met een op 12 september 2007 ter griffie van de rechtbank Zwolle-Lelystad ingediend verzoekschrift heeft de moeder zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, de beschikking van het gerechtshof te Leeuwarden van 28 december 2008 te wijzigen, des dat het twee keer per jaar verstrekken van informatie en een recente foto buiten toepassing wordt gelaten.

De vader heeft het verzoek bestreden.

De rechtbank heeft bij beschikking van 22 januari 2008 het verzoek van de moeder afgewezen.

Tegen deze beschikking heeft de moeder hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem, nevenvestiging Leeuwarden.

Bij beschikking van 19 november 2008 heeft het hof de beschikking waarvan beroep bekrachtigd.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vader heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 16 oktober 2009.