Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2008:BG1811

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12-12-2008
Datum publicatie
12-12-2008
Zaaknummer
07/13287
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2008:BG1811
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Familierecht; afgewezen verzoek vader ex art. 1:377b lid 1 BW tot verschaffing door moeder van informatie over zijn minderjarig kind (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2008, 934
RvdW 2009, 40
JWB 2008/491
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

12 december 2008

Eerste Kamer

07/13287

EV/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De vader],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[De moeder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. J.P. Heering.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vader en de moeder.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 23 december 2005 ter griffie van de rechtbank Arnhem ingekomen verzoekschrift heeft de vader zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, te bepalen dat de moeder aan de vader informatie verschaft over zijn minderjarige dochter.

De moeder heeft het verzoek bestreden.

De rechtbank heeft, na mondelinge behandeling en een tussenvonnis, bij eindbeschikking van 30 januari 2007 het verzoek van de vader toegewezen.

Tegen de eindbeschikking heeft de moeder hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.

Bij beschikking van 28 augustus 2007 heeft het hof de eindbeschikking van de rechtbank vernietigd en, in zoverre opnieuw beschikkende, het verzoek van de vader afgewezen.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de vader beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De moeder heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 12 december 2008.