Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2008:BD3422

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11-07-2008
Datum publicatie
11-07-2008
Zaaknummer
07/11823
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2008:BD3422
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Familierecht. Toewijzing echtscheidingsverzoek met nevenvoorzieningen; falende cassatieklacht over proceskostenveroordeling (81 RO).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2008, 580
RvdW 2008, 744
JWB 2008/311
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

11 juli 2008

Eerste Kamer

07/11823

RM/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. J. Dongelmans,

t e g e n

[De man],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. F.M. Ruitenbeek-Bart.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 17 maart 2006 ter griffie van de rechtbank 's-Gravenhage ingediend verzoekschrift heeft de vrouw zich gewend tot die rechtbank en verzocht, voorzover thans van belang, tussen partijen de echtscheiding uit te spreken en de woonplaats van de minderjarige kinderen van partijen bij haar te bepalen.

De man heeft zich met betrekking tot de verzochte echtscheiding gerefereerd en verweer gevoerd tegen de nevenverzoeken van de vrouw. De man heeft tevens bij wijze van zelfstandig verzoek verzocht tussen partijen de echtscheiding uit te spreken en, voorzover thans van belang, voor het geval de vrouw naar [woonplaats] verhuist te bepalen dat de kinderen bij hem het hoofdverblijf zullen hebben.

De vrouw heeft het verzoek van de man bestreden.

De rechtbank heeft bij beschikking van 18 augustus 2006 tussen partijen de echtscheiding uitgesproken en de behandeling van de nevenvoorzieningen aangehouden in afwachting van de resultaten van een tussen partijen afgesproken bemiddelingstraject, waartoe partijen zich bereid hadden verklaard bij de voorzieningenrechter.

Tegen deze beschikking heeft de vrouw hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage. De vrouw heeft verzocht de bestreden beschikking te vernietigen en, opnieuw beschikkende, het inleidend verzoek tot echtscheiding aan te houden totdat beslist wordt op de nevenvoorzieningen.

Bij beschikking van 29 juni 2007 heeft het hof de vrouw niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep en de vrouw veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De man heeft verzocht het beroep te verwerpen, met veroordeling van de vrouw in de kosten van het geding in cassatie.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt de vrouw in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de man begroot op € 296,38 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.D.H. Asser op 11 juli 2008.