Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2008:BC7428

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-05-2008
Datum publicatie
20-05-2008
Zaaknummer
07/10673
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2008:BC7428
In cassatie op : ECLI:NL:GHARN:2007:BA0218, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Verzoek nader onderzoek toerekeningsvatbaarheid verdachte. Conclusie AG: het Hof heeft gemotiveerd vastgesteld dat het niet aannemelijk is dat de woedeuitbarsting van verdachte het gevolg is van het gebruik van flurazepam in combinatie met alcohol en oxazepam (zoals t.t.z. door de raadsman was aangevoerd). Uitgaande van die vaststelling heeft het Hof het verzoek om een nader onderzoek inz. de toerekenbaarheid van verdachte op toereikende gronden afgewezen door te overwegen dat het geen noodzaak ziet om nader onderzoek te laten verrichten. HR: 81 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2008, 390
RvdW 2008, 543
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

20 mei 2008

Strafkamer

nr. 07/10673

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 8 maart 2007, nummer 21/003204-05, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Noord-Brabant Noord, locatie Oosterhoek" te Grave.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. M.L.M. van der Voet, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Procureur-Generaal Fokkens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Slotsom

Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 20 mei 2008.