Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2008:BC3744

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
01-04-2008
Datum publicatie
11-07-2019
Zaaknummer
01952/07
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2008:BC3744
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Medeplegen drievoudige moord in Helmond in 2003 i.h.k.v. ripdeal n.a.v. eerdere mislukte drugsdeal (art. 289 Sr), waarvoor verdachte is veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. 1. Redengevendheid van verklaring van in Duitsland gedetineerde persoon (A), die van andere gedetineerde (B) informatie over feiten te horen heeft gekregen. 2. Denaturering van verklaring van A. 3. Verweer dat verklaringen medeverdachte en getuige op elkaar zijn afgestemd en niet betrouwbaar zijn. 4. Motivering van “motief”. 5. Begrijpelijkheid van ’s Hofs overweging over overeenkomst die is gesloten om 3 personen te vermoorden. 6. Had Hof oordeel dat B zijn informatie moet hebben gekregen van iemand die bij onderhandeling en moorden aanwezig was nader moeten motiveren? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met ECLI:NL:HR:2008:BC3741.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

1 april 2008

Strafkamer

nr. 01952/07

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 12 december 2006, nummer 20/004111-04, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Nieuw Vosseveld" te Vught.

1. Geding in cassatie

1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. A.P.M.A. Laeyendecker, advocaat te Oss, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

1.2. De Hoge Raad heeft kennisgenomen van het schriftelijk commentaar van de raadsman op de conclusie van de

Advocaat-Generaal.

2. Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Slotsom

Nu geen van de middelen tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 1 april 2008.