Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2008:BC3557

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18-03-2008
Datum publicatie
19-03-2008
Zaaknummer
00832/07
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2008:BC3557
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

HR verbetert ambtshalve de beslissing m.b.t. het noemen van de naam van de b.p., de vordering van de b.p. en het opleggen van de schadevergoedingsmaatregel, zodat betaling van verdachte aan de Staat de andere betalingsverplichting doet vervallen en vice versa.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2008, 203
RvdW 2008, 348

Uitspraak

18 maart 2008

Strafkamer

nr. 00832/07

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, van 24 januari 2007, nummer 21/005819-05, in de strafzaak tegen:

[verdachte 3], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Rijnmond" (locatie "De Schie") te Rotterdam.

1. Geding in cassatie

1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. C.F. Korvinus, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Wortel heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad de bestreden uitspraak verbeterd zal lezen en het beroep voor het overige zal verwerpen.

1.2. De Hoge Raad heeft kennisgenomen van het schriftelijk commentaar van de raadsman op de conclusie van de Advocaat-Generaal.

2. Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak

Het Hof heeft bij de toewijzing van de vordering van de benadeelde partij en de oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzuimd de naam van de benadeelde partij, [benadeelde partij], te vermelden en te bepalen dat indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij inzoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.

Aangenomen moet worden dat het Hof dat ten gevolge van een kennelijke vergissing heeft nagelaten. De Hoge Raad leest de bestreden uitspraak met herstel van deze misslag.

4. Slotsom

Nu geen van de middelen tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

5. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren W.A.M. van Schendel en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier L.J.J. Okker-Braber, en uitgesproken op 18 maart 2008.