Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2008:BC2249

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
21-03-2008
Datum publicatie
21-03-2008
Zaaknummer
C06/296HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2008:BC2249
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Exequaturprocedure; verzoek tot tenuitvoerlegging van een Pools verstekvonnis (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81, geldigheid: 2008-03-21
Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken, geldigheid: 2008-03-21
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2008, 219
RvdW 2008, 342
JWB 2008/133

Uitspraak

21 maart 2008

Eerste Kamer

Nr. C06/296HR

IV/AG

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,

t e g e n

FUNDUSZ GWARANTAOWANYCH SWLADCZEN PRACOWNICZYCH,

gevestigd te Szczecin, Polen,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Fundusz.

1. Het geding in feitelijke instanties

Op 14 december 2001 zijn aan [eiser] gerechtelijke stukken, waaronder een dagvaarding afkomstig van de rechtbank van Tweede Aanleg te Szczecin te Polen (hierna de Poolse rechtbank), betekend. Bij die dagvaarding heeft Fundusz een bedrag gevorderd van 612.748 zloty en 42 groszy in hoofdsom, vermeerderd met rente en kosten.

Bij - uitvoerbaar bij voorraadverklaard - verstekvonnis van 25 september 2002 heeft de Poolse rechtbank de vordering van Fundusz toegewezen.

Fundusz heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank te 's-Gravenhage bij verzoekschrift van 21 december 2004 verzocht het Poolse vonnis te erkennen en haar verlof tot tenuitvoerlegging van voornoemde beslissing te verlenen. Bij beschikking van 11 juli 2005 heeft de voorzieningenrechter dit verlof verleend. Deze beschikking is op 2 augustus 2005 bij exploot aan [eiser] betekend.

[Eiser] heeft bij exploot van 18 augustus 2005 bij de rechtbank 's-Gravenhage verzet ingesteld tegen de beschikking van de voorzieningenrechter.

Nadat de rechtbank bij tussenvonnis van 11 januari 2006 een comparitie van partijen had gelast, heeft de rechtbank bij eindvonnis van 28 juni 2006 de beschikking van de voorzieningenrechter bekrachtigd.

Het vonnis van de rechtbank is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het eindvonnis van de rechtbank heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld.

Tegen Fundusz is verstek verleend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Fundusz begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 21 maart 2008.