Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2008:BB7136

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
22-01-2008
Datum publicatie
23-01-2008
Zaaknummer
01856/06
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2008:BB7136
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Het valselijk plaatsen van een merk i.d.z.v. art. 219.1° Sr. Blijkens het bewijsmiddel bestond de vervanging van het chassisnummer zoals in de bewezenverklaring nader omschreven daarin dat “de hele voorkant, inclusief de chassisbalk met het chassisnummer” van de ene auto in de andere auto is gezet. ’s Hofs oordeel dat dit oplevert het valselijk plaatsen van een merk – e.e.a. i.d.z.v. art. 219.1° Sr – is juist.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2008, 35
RvdW 2008, 170
VR 2008, 99
Module Verkeer 2008/42
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

22 januari 2008

Strafkamer

nr. 01856/06

KM/SM

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 27 januari 2006, nummer 23/002764-05, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975, wonende te [woonplaats].

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van de Rechtbank te Amsterdam van 4 oktober 2004 - voorzover aan 's Hofs oordeel onderworpen - de verdachte vrijgesproken van het bij inleidende dagvaarding onder 2. tenlastegelegde en hem voorts ter zake van 6. "medeplegen van een ander merk dan de in artikel 217 en 218 van het Wetboek van Strafrecht bedoelde merken, dat krachtens wettelijk voorschrift op een goed moet worden geplaatst, valselijk plaatsen op een goed, met het oogmerk om dat goed door anderen te doen gebruiken alsof het daarop geplaatste merk echt en onvervalst was" veroordeeld tot een taakstraf van tachtig uren, subsidiair veertig dagen hechtenis.

2. Geding in cassatie

2.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben mr. G.P. Hamer en mr. B.P. de Boer, beiden advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.

2.2. De Hoge Raad heeft kennisgenomen van het schriftelijk commentaar van de raadslieden op de conclusie van de Advocaat-Generaal.

3. Beoordeling van het eerste en het tweede middel

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beoordeling van het derde middel

4.1. Het middel klaagt dat het Hof ten aanzien van feit 6 ten onrechte, althans onvoldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat sprake is van het valselijk plaatsen van een merk in de zin van art. 219 onder 1° Sr.

4.2. Onder 6 is bewezenverklaard dat de verdachte:

"in de periode van 1 december 2002 tot en met 3 februari 2004 in Nederland tezamen en in vereniging met een ander een chassisnummer, zijnde een ander merk dan de in artikel 217 en 218 van het Wetboek van Strafrecht bedoelde merken, dat krachtens wettelijk voorschrift op een motorvoertuig moet worden aangebracht, valselijk heeft geplaatst, immers hebben hij, verdachte, en zijn mededader opzettelijk valselijk het echte chassisnummer van het motorvoertuig, van het merk Volkswagen Golf, Cabrio 4, verwijderd en vervolgens dit echte chassisnummer vervangen door een ander chassisnummer met het oogmerk om dat motorvoertuig te gebruiken of door anderen te doen gebruiken alsof laatstbedoeld chassisnummer krachtens wettelijk voorschrift, echt en onvervalst was."

4.3. Deze bewezenverklaring steunt onder meer op een tot bewijs gebezigd proces-verbaal van politie, voor zover inhoudende als verklaring van [medeverdachte]:

"Ik heb het vanmiddag al gehad over die zwarte Golf Cabrio. Ik denk dat het voorjaar, mei of juni, het was vlak voor mijn operatie op 19 juni (het hof begrijpt: 2003), was. [Verdachte] heeft toen een schadeauto in Duitsland gekocht. Die schadeauto was een zwarte VW Golf Cabrio. Ik heb toen samen met [verdachte] in mijn garage de auto uit elkaar gehaald. Op een zeker moment kwam [verdachte] en zei dat hij een andere VW Golf Cabrio had en dat hij de delen van de schadeauto wilde gebruiken om de andere Golf om te katten. Ik heb vervolgens de hele voorkant, inclusief de chassisbalk met het chassisnummer van de Golf uit Duitsland, in die andere Golf gezet.

Vervolgens heeft [verdachte] die tweede Golf laten keuren en een nieuw kenteken op die tweede Golf aangevraagd. Dat kenteken is aangevraagd op het chassisnummer van die Duitse Golf, dat we in de tweede auto hebben gezet."

4.4. Blijkens het hiervoor weergegeven bewijsmiddel bestond de vervanging van het chassisnummer zoals in de bewezenverklaring nader omschreven daarin dat "de hele voorkant, inclusief de chassisbalk met het chassisnummer" van de ene auto in de andere auto is gezet. Het oordeel van het Hof dat dit oplevert het valselijk plaatsen van een merk - een en ander in de zin van art. 219 onder 1° Sr - is juist. De rechtsklacht is dus ongegrond. De motiveringsklacht kan onbesproken blijven.

4.5. Het middel faalt.

5. Slotsom

Nu de middelen niet tot cassatie kunnen leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

6. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren W.A.M. van Schendel en J.W. Ilsink, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.J. Verhoeven, en uitgesproken op 22 januari 2008.