Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2007:BB3774

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12-10-2007
Datum publicatie
12-10-2007
Zaaknummer
R06/114HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2007:BB3774
Rechtsgebieden
Civiel recht
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

WSNP; tussentijdse beëindiging van de toepassing van de schuldsaneringsregeling zonder toekenning van een ‘schone lei’ (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2007, 656
RvdW 2007, 866
NJB 2007, 2082
JWB 2007/337
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

12 oktober 2007

Eerste Kamer

Rek.nr. R06/114HR

MK/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [Verzoeker 1],

2. [Verzoekster 2],

beiden wonende te [woonplaats],

VERZOEKERS tot cassatie,

advocaat: mr. M.A. Koot.

Verzoekers tot cassatie zullen hierna worden aangeduid als de schuldenaren.

1. Het geding in feitelijke instanties

Bij vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 17 december 2003 is de definitieve schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van de schuldenaren.

De rechtbank heeft bij afzonderlijke vonnissen van 29 juni 2006 vastgesteld dat de schuldenaren toerekenbaar in de nakoming van een of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen zijn tekortgeschoten.

Tegen deze vonnissen hebben de schuldenaren hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.

Bij arrest van 14 augustus 2006 heeft het hof de vonnissen van de rechtbank bekrachtigd.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben de schuldenaren beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, A. Hammerstein en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer

E.J. Numann op 12 oktober 2007.