Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2007:BA3608

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
26-06-2007
Datum publicatie
27-06-2007
Zaaknummer
01506/06
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2007:BA3608
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

HR ambtshalve: de bestreden uitspraak houdt in dat het Hof subs. 10 dagen hechtenis heeft opgelegd terwijl in een “Aantekening mondeling arrest” is vermeld dat de duur van de vervangende hechtenis 50 dagen beloopt. Aangenomen moet worden dat de vermelding van de straf in de bestreden uitspraak overeenkomt met de door het Hof aan verdachte opgelegde straf, zodat de vervangende hechtenis 10 dagen beloopt.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2007, 470
RvdW 2007, 676
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

26 juni 2007

Strafkamer

nr. 01506/06

AG/SM

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 6 maart 2006, nummer 23/004818-05, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1957, wonende te [woonplaats].

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een bij verstek gewezen vonnis van de Politierechter in de Rechtbank te Amsterdam van 8 augustus 2005 - de verdachte ter zake van 1. "bedreiging met zware mishandeling" en 2. "opzettelijk en wederrechtelijk enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen" veroordeeld tot het verrichten van een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van eenhonderd uren, subsidiair (de Hoge Raad leest:) vijftig dagen hechtenis. Voorts heeft het Hof de tenuitvoerlegging gelast van een voorwaardelijk opgelegde straf.

2. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. P.J. Stronks, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De waarnemend Advocaat-Generaal Bleichrodt heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.

3. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak

De bestreden bij verstek gewezen uitspraak houdt - voor zover nu van belang - in dat het Hof subsidiair tien dagen hechtenis heeft opgelegd. Bij de stukken bevindt zich een "Aantekening mondeling arrest", dat een korte weergave bevat van de inhoud van de bestreden uitspraak, waarin evenwel is vermeld dat de duur van de vervangende hechtenis vijftig dagen beloopt. Aangenomen moet worden dat de vermelding van de straf in de bestreden uitspraak overeenkomt met de door het Hof aan de verdachte opgelegde straf, zodat de vervangende hechtenis tien dagen beloopt.

5. Slotsom

Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

6. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en J.W. Ilsink, in bijzijn van de waarnemend griffier L.J.J. Okker-Braber, en uitgesproken op 26 juni 2007.