Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2007:AZ8569

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16-02-2007
Datum publicatie
16-02-2007
Zaaknummer
493
Formele relaties
In cassatie op: ECLI:NL:CRVB:2004:AO6586, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Verzekeringsplicht volksverzekeringen. Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de EG. Statuut van de ambtenaren van de EG. Echtgenote van gepensioneerde ambtenaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
PJ 2007, 55
FutD 2007-0301
NTFR 2007/339 met annotatie van mr. E. van Waaijen
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Nr. 493

16 februari 2007

PEB

gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 19 maart 2004, nr. 01/2245 Anw, betreffende na te melden besluit van de Sociale Verzekeringsbank (hierna: SVB) ingevolge de Algemene nabestaandenwet (hierna: Anw).

1. Besluit, bezwaar en geding voor de Rechtbank

Bij besluit van 4 december 1998 heeft de SVB onder meer geweigerd belanghebbende vrijstelling te verlenen van de verzekeringsplicht ingevolge de Anw.

De SVB heeft het tegen dit besluit gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Tegen de beslissing op bezwaar heeft belanghebbende beroep ingesteld bij de Arrondissementsrechtbank te Alkmaar (hierna: de Rechtbank).

De Rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.

2. Geding voor de Centrale Raad

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij de Centrale Raad.

De Centrale Raad heeft de aangevallen uitspraak bevestigd. De uitspraak van de Centrale Raad is aan dit arrest gehecht.

3. Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Centrale Raad beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank heeft een verweerschrift ingediend.

Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.

4. Beoordeling van de klachten

De klachten richten zich tegen het oordeel van de Centrale Raad dat artikel 15 van het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Gemeenschappen (PbEG 1967, L 152/12, Trb. 1965, 130) en het daarop gebaseerde Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen niet in de weg staan aan de aansluiting van personen zoals belanghebbende - die niet werkzaam zijn en nimmer werkzaam zijn geweest bij de Europese Gemeenschappen en die aan het Statuut geen verzekering ter zake van risico's zoals bijvoorbeeld ouderdom en overlijden kunnen ontlenen - bij een nationaal sociaalzekerheidsstelsel zoals de Nederlandse volksverzekeringen.

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. De echtgenoot van belanghebbende is uitkeringsgerechtigde in het kader van de Anw. Dat deze echtgenoot aan een op het Protocol gebaseerde regeling het recht kan ontlenen op een gelijksoortige uitkering, stoelend op het verzekerd zijn van belanghebbende, als waarin de Anw voorziet, volgt niet uit het Protocol of het Statuut. Anders dan waarvan de klachten uitgaan, is derhalve geen sprake van een dubbele verzekering.

5. Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

6. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de vice-president D.G. van Vliet als voorzitter, en de raadsheren P. Lourens en E.N. Punt, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 16 februari 2007.