Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2007:AZ5709

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-02-2007
Datum publicatie
20-02-2007
Zaaknummer
01197/06
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2007:AZ5709
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Een aan de appeldagvaarding gehecht GBA-overzicht uit VIP van 30-11-04 waarop verdachtes voornaam is gespeld met een trema vermeldt “Electronische verificatie van onderstaande persoon heeft niet tot resultaat geleid”. Het hof veroordeelde verdachte bij verstek na mededeling ter terechtzitting van AG dat verdachte toen niet gedetineerd was. Een in cassatie bij de schriftuur overgelegde kopie van een gewaarmerkt GBA-afschrift waarin verdachtes voornaam is gespeld zonder trema houdt in dat hij sinds 14-11-01 is ingeschreven in de GBA op adres X. Bij zijn onderzoek naar de naleving van het bepaalde in art. 435.1 Sv heeft de HR vastgesteld dat verdachte sinds 14-11-01 stond ingeschreven in de GBA op het adres X. Dat bevestigt de juistheid van de inhoud het in fotokopie overgelegde gewaarmerkte GBA-afschrift. E.e.a. brengt mee dat de appeldagvaarding niet is betekend overeenkomstig art. 588 Sv, zodat die dagvaarding nietig is. Het in de bestreden uitspraak besloten liggende oordeel dat de appeldagvaarding geldig is betekend, is daarom onjuist.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2007, 121
RvdW 2007, 249
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

20 februari 2007

Strafkamer

nr. 01197/06

KM/IC

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 13 december 2004, nummer 20/003841-04, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977, wonende te [woonplaats].

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep tegen een bij verstek gewezen vonnis van de Politierechter in de Rechtbank te Maastricht van 7 mei 2004, waarbij de verdachte ter zake van "opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, eerste lid onder B, van de Opiumwet gegeven verbod" is veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf.

2. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. M. de Reus, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot nietigverklaring van de dagvaarding in hoger beroep.

3. Beoordeling van het eerste middel

3.1. Het middel klaagt over de betekening van de appeldagvaarding.

3.2. De stukken van het geding houden, voor zover hier van belang, het volgende in.

(i) Op 30 november 2004 is de dagvaarding van de verdachte om te verschijnen ter terechtzitting van het Hof van 13 december 2004 uitgereikt aan de (waarnemend) griffier van de Rechtbank te 's-Hertogenbosch omdat van de verdachte geen woon- of verblijfplaats in Nederland bekend was. Een aan die dagvaarding gehecht GBA-overzicht uit de Verwijs Index Personen (VIP) van 30 november 2004 op naam van de verdachte vermeldt:

"Electronische verificatie van onderstaande persoon heeft niet tot resultaat geleid.

Naam: [verdachte]

Voorna(a)m(en): [verdachte]

Geboren op: [geboortedatum]-1977 te Onbekend [geboorteland]

Datum aanvraag document: 30-11-2004

Niet gedetineerd

Huidig adres."

(ii) Blijkens het daarvan opgemaakte proces-verbaal is op de terechtzitting van het Hof van 13 december 2004 de verdachte niet verschenen, heeft de Advocaat-Generaal bij het Hof medegedeeld dat "uit controle in VIPS (Verwijs Index Personen Systeem) is gebleken dat verdachte thans niet is gedetineerd" en heeft het Hof vervolgens verstek verleend tegen de verdachte.

3.3. Aan de schriftuur is gehecht een fotokopie van een gewaarmerkt afschrift uit de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van 16 juni 2006, onder meer inhoudende:

"In de basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente [woonplaats] is ingeschreven:

Naam: [verdachte]

Voornamen: [verdachte]

Geboren: [geboortedatum]-1977 [geboorteplaats]

Geslacht: Man

Nationaliteit: [nationaliteit]

Datum vestiging in Nederland: 14-11-2001

Verblijfplaatsgegegevens

14-11-2001: [a-straat 1]

[0000 AA] [woonplaats]."

3.4. Bij zijn onderzoek naar de naleving van het bepaalde in art. 435, eerste lid, Sv heeft de Hoge Raad vastgesteld dat de verdachte sinds 14 november 2001 stond ingeschreven in de basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente [woonplaats] op het adres [a-straat 1]. Dat bevestigt de juistheid van de inhoud van het hiervoor onder 3.3 vermelde, in fotokopie overgelegde stuk. Een en ander brengt mee dat de dagvaarding in hoger beroep niet is betekend overeenkomstig art. 588 Sv, zodat die dagvaarding nietig is. Het in de bestreden uitspraak besloten liggende oordeel dat de dagvaarding in hoger beroep geldig is betekend, is daarom onjuist.

3.5. Het middel is dus terecht voorgesteld.

4. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen, brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, de overige middelen geen bespreking behoeven en als volgt moet worden beslist.

5. Beslissing

De Hoge Raad:

Vernietigt de bestreden uitspraak;

Verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en A.J.A. van Dorst, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 20 februari 2007.