Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2006:AY0418

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
06-10-2006
Datum publicatie
06-10-2006
Zaaknummer
R05/035HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2006:AY0418
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over wijziging van de partneralimentatie aan de vrouw wegens vermindering van de draagkracht bij de man (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81, geldigheid: 2006-10-06
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2006, 574
RvdW 2006, 927
JWB 2006/328

Uitspraak

6 oktober 2006

Eerste Kamer

Rek.nr. R05/035HR

MK

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De man],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. J. Groen,

t e g e n

[De vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

1. Het geding in feitelijke instanties

Bij verzoekschrift gedateerd 13 mei 2003 heeft verzoeker tot cassatie - verder te noemen: de man - zich gewend tot de rechtbank te Arnhem en verzocht de bijdrage in de kosten van levensonderhoud van verweerster in cassatie - verder te noemen: de vrouw - op nihil te stellen, althans de bijdrage te bepalen op een zodanig bedrag en met ingang van een zodanige datum als de rechtbank in goede justitie zal vermenen te behoren.

De vrouw heeft het verzoek bestreden.

De rechtbank heeft bij beschikking van 23 februari 2004 de beschikking van de rechtbank te Arnhem van 31 maart 1994 en de tussen partijen gesloten alimentatieovereenkomst van 7 juli 1999 gewijzigd in die zin dat de door de man te betalen bijdrage in de kosten van het levensonderhoud van de vrouw met ingang van 1 april 2003 nader wordt gesteld op € 329,-- per maand en het meer of anders verzochte afgewezen.

Tegen deze beschikking heeft de man hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem. De vrouw heeft incidenteel hoger beroep ingesteld.

Bij beschikking van 7 december 2004 heeft het hof in het principaal en het incidenteel beroep de beschikking van de rechtbank te Arnhem van 23 februari 2004 vernietigd, en opnieuw beschikkende, het verzoek van de man om de vastgestelde bijdrage in de kosten van levensonderhoud van de vrouw te wijzigen alsnog afgewezen, de kosten van het geding gecompenseerd en het meer of anders verzochte afgewezen.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vrouw is in cassatie niet verschenen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van de man heeft bij brief van 30 juni 2006 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren H.A.M. Aaftink, als voorzitter, A.M.J. van Buchem-Spapens en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 6 oktober 2006.