Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2006:AU7936

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
03-03-2006
Datum publicatie
03-03-2006
Zaaknummer
C04/341HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2006:AU7936
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Geschil tussen gedupeerde appartementseigenaren en een gemeente over de afwikkeling van door hen geleden schade ten gevolge van bodemverontreiniging met vervuild havenslib (81 RO).

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2006, 137
RvdW 2006, 241
Milieurecht Totaal 2006/4031
JWB 2006/81
JBO 2006/43 met annotatie van H.J. Bos
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

3 maart 2006

Eerste Kamer

Nr. C04/341HR

RM/JMH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [Eiser 1], en

2. [Eiseres 2],

beiden wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

DE GEMEENTE MAASSLUIS,

gevestigd te Maassluis,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. D.M. de Knijff.

1. Het geding in feitelijke instanties

Eisers tot cassatie - verder te noemen: [eiser] c.s. - hebben bij exploot van 2 februari 1999 verweerster in cassatie - verder te noemen: de Gemeente - gedagvaard voor de rechtbank te Rotterdam en, voor zover in cassatie van belang, gevorderd de Gemeente te veroordelen aan [eiser] c.s. te betalen een bedrag van ƒ 92.914,--, te vermeerderen met de wettelijke rente.

De Gemeente heeft de vordering bestreden.

De rechtbank heeft bij vonnis van 12 oktober 2000 de vordering afgewezen.

Tegen dit vonnis hebben [eiser] c.s. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage. De Gemeente heeft incidenteel hoger beroep ingesteld.

Na een tussenarrest van 12 december 2002 heeft het hof bij eindarrest van 29 april 2004 het vonnis waarvan beroep deels vernietigd en deels bekrachtigd.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen zowel het tussenarrest als het eindarrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 22 december 2005 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak begroot op € 1.156,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren P.C. Kop, J.C. van Oven, W.A.M. van Schendel en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 3 maart 2006.