Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2006:AU6940

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28-04-2006
Datum publicatie
28-04-2006
Zaaknummer
R04/121HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2006:AU6940
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Antillenzaak. Geschil tussen een projectontwikkelaar en (de erven van) een koper van een perceel grond, waarop deze koper een woning heeft laten bouwen, over de ondeugdelijkheid van de dakbedekking waarvoor de projectontwikkelaar een garantiecertificaat had afgegeven; uitleg van garantiecertificaat, hypothetisch feitelijke grondslag, instemming door de koper met alternatieve dakisolatie, onbegrijpelijk oordeel.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2006, 271
RvdW 2006, 454
JWB 2006/158

Uitspraak

28 april 2006

Eerste Kamer

Nr. R04/121HR

RM

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

de naamloze vennootschap naar Nederlands-Antilliaans recht TERRA TROPICAL DEVELOPMENT AND REAL ESTATE N.V.,

gevestigd op Curaçao, Nederlandse Antillen,

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. J.W.H. van Wijk,

t e g e n

DE ERVEN [betrokkene 1],

wonende op Curaçao, Nederlandse Antillen,

VERWEERDERS in cassatie,

niet verschenen.

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 23 mei 2000 ter griffie van het gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, ingekomen verzoekschrift heeft [betrokkene 1], inmiddels overleden, zich gewend tot dat gerecht en verzocht eiseres tot cassatie - verder te noemen: Terra Tropical - te veroordelen (a) aan hem te voldoen een bedrag van Nafl. 10.520,-- en de buitengerechtelijke kosten inclusief O.B. ten bedrage van Nafl. 1.656,90 en (b) de schade die [betrokkene 1] verder heeft geleden of nog zal lijden ten gevolge van het feit dat Terra Tropical haar garantieverplichtingen niet is nagekomen, welke schade dient te worden opgemaakt bij staat en te worden vereffend volgens de wet, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 17 december 1999 tot aan die der algehele voldoening.

Terra Tropical heeft het verzoek bestreden.

Na een tussenvonnis van 13 augustus 2001 heeft het gerecht bij tussenvonnis van 22 oktober 2001 een deskundigenonderzoek gelast, daartoe vragen geformuleerd en een deskundige benoemd. De deskundige heeft op 5 december 2001 rapport uitgebracht. Bij eindvonnis van 24 juni 2002 heeft het gerecht Terra Tropical veroordeeld aan [betrokkene 1] te betalen de door [betrokkene 1] geleden schade nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, het schadebedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 17 december 1999 tot aan de dag der algehele voldoening. Het meer of anders gevorderde heeft het gerecht afgewezen. Tegen de tussenvonnissen en het eindvonnis van het gerecht heeft Terra Tropical hoger beroep ingesteld bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba. De erven [betrokkene 1] hebben incidenteel hoger beroep ingesteld. Bij vonnis van 10 augustus 2004 heeft het hof, in het principaal en in het incidenteel appel, het bestreden vonnis bevestigd. Het vonnis van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het vonnis van het hof heeft Terra Tropical beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De erven [betrokkene 1] zijn in cassatie niet verschenen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot vernietiging van het bestreden vonnis en tot verwijzing van de zaak naar het Gemeenschappelijk Hof ter verdere afdoening.

3. Beoordeling van het middel

3.1 In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.

(i) Terra Tropical is projectontwikkelaar van het "La Privada"-project op Curaçao. Zij heeft een perceel grond in dat project verkocht aan [betrokkene 1].

(ii) Tussen [betrokkene 1] als aanbesteder enerzijds en Bouw Combinatie N.V. (Bocom) - inmiddels geliquideerd - anderzijds als aannemer is op 23 juni 1993 een aannemingsovereenkomst totstandgekomen. Deze aannemingsovereenkomst betreft - kort samengevat - de bouw van een woning op het door [betrokkene 1] gekochte perceel in het La Privada""-project.

(iii) Kopersbestek en voorwaarden ten behoeve van La Privada (model Wara Wara) zijn opgesteld door Terra Tropical. Het bestek vermeldt terzake dakisolatie:

"1. Staalskelet volgens tek. konstrukteur.

2. Sandwich dakplaten met 100 mm styrofoamvulling, persing 25 kg/m3

3. 1-laagse dakbedekking Polygumm

4. Dakopstand van stijl en regelwerk met WBP multiplex beschot, volgen tek. konstrukteur.

5. Afwerking shingles. Garantie 25 jaar."

(iv) Op 10 februari 1995 is de woning van [betrokkene 1] opgeleverd.

(v) Door Terra Tropical is een garantie-certificaat aan [betrokkene 1] verstrekt. Voorzover thans van belang staat in dit certificaat:

"Hierbij garandeert Terra Tropical Development N.V., ontwikkelaar van La Privada, dat voor het woonhuis gelegen aan [a-straat 1] is gebruikt:

(...)

dakisolatie: sandwich dakplaten met 100 mm styrofoam vulling persing 25 kg/m3 afgedek met éénlaagse dakbedekking Polygum of vergelijkbaar

(...)"

(vi) Voor de woning van [betrokkene 1] is geen Polygum gebruikt doch "Good Year Color-Flex Coating".

3.2.1 [Betrokkene 1], na zijn overlijden in de loop van de procedure opgevolgd door zijn erven, heeft in deze procedure schadevergoeding gevorderd op de grond dat de dakbedekking met "Good Year Color-Flex Coating" ondeugdelijk is en dat daardoor lekkages zijn opgetreden. Het gerecht in eerste aanleg heeft de vordering toegewezen in voege als hiervóór in 1 vermeld, het hof heeft de uitspraak van het gerecht bevestigd.

3.2.2 Het hof heeft daartoe, samengevat weergegeven en voorzover in cassatie van belang, het volgende overwogen.

[Betrokkene 1] heeft - onvoldoende gemotiveerd weersproken - gesteld dat [betrokkene 2] (tijdelijk) directeur is geweest van zowel Terra Tropical als Bocom en dat Terra Tropical het bestek en de voorwaarden heeft opgesteld, de bouwtermijnen incasseerde en betalingsgaranties verlangde voor de aannemingssom, en correspondentie betreffende de bouw voerde. Dit vormt evenwel onvoldoende grond om Terra Tropical en Bocom te vereenzelvigen. Dit brengt mee, aldus het hof, dat [betrokkene 1] niet uit hoofde van de aannemingsovereenkomst tegen Terra Tropical kan ageren voor de door hem beweerde waterschade, doch slechts op grond van de hem door Terra Tropical verstrekte garantie, inhoudende dat door de aannemer voor het dak van [betrokkene 1]'s woning "Polygum of vergelijkbaar" is gebruikt. (rov. 2-4)

Vaststaat dat op de Isowall sandwich dakplaten, die de kern vormen van het dak van de woning van [betrokkene 1], niet Polygum, maar "Good Year Color-Flex Coating" is aangebracht. Het komt derhalve aan op het antwoord op de vraag of de Good Year-coating ten tijde van het aanbrengen op het dak van [betrokkene 1]'s woning, mede gelet op plaatselijke omstandigheden en de bouw van de woning, "vergelijkbaar" was met dakbedekking Polygum. (rov. 6)

Vaststaat dat Polygum niet geschikt was om de voor het dak gebruikte Isowall platen af te dekken en dat daarom naar een alternatief moest worden gezocht. Buiten discussie staat dat Polygum in de gevallen waarin de ondergrond geen belemmering voor het aanbrengen vormt, een duurzame en betrouwbare dakbedekking oplevert. Gelet hierop had [betrokkene 1] op grond van de garantie "Polygum of vergelijkbaar" redelijkerwijs mogen verwachten dat diezelfde duurzaamheid en betrouwbaarheid ook door het gekozen alternatief zou worden verschaft. Volgens de in de eerste instantie benoemde deskundige is dit laatste echter niet het geval. Het hof neemt dit oordeel over. (rov. 9 - 11)

Terra Tropical stelt dat [A], die volgens de aannemingsovereenkomst de directievoerende architect van [betrokkene 1] was, in september 1994 nauw betrokken is geweest bij, en heeft ingestemd met, de keuze voor Good Year Color-Flex Coating als alternatief voor Polygum. Aangezien dit accorderen aan [betrokkene 1] kan worden toegerekend, kan [betrokkene 1] volgens Terra Tropical niet aan haar tegenwerpen dat Good Year Color-Flex Coating niet met Polygum vergelijkbaar zou zijn. [Betrokkene 1] betwist dat [A] akkoord is gegaan met het product Good Year Color-Flex Coating en dat hij hem vertegenwoordigde. Deze discussie kan echter in het midden worden gelaten. Voorzover [A] als directievoerder van [betrokkene 1] akkoord is gegaan met het gebruik van Good Year Color-Flex Coating, is dat immers slechts in relatie tot Bocom als aannemer gebeurd, niet in relatie tot Terra Tropical (die niet met Bocom is te vereenzelvigen). Niet valt daarom in te zien waarom Terra Tropical, die na voormeld pretens akkoord door middel van het garantiecertificaat zelfstandig jegens [betrokkene 1] de verplichting op zich heeft genomen dat voor de woning van [betrokkene 1] als dakbedekking "Polygum of vergelijkbaar" is gebruikt, niet door [betrokkene 1] aan de door haar gegeven garantie zou mogen worden gehouden. (rov. 12-13)

3.3 Het middel stelt voorop dat - nu het hof de juistheid hiervan in het midden heeft gelaten - in cassatie veronderstellenderwijs ervan moet worden uitgegaan, dat [A] namens [betrokkene 1] jegens Bocom heeft ingestemd met de keuze voor Good Year Color-Flex Coating als alternatief voor Polygum. Het middel voert een aantal klachten aan die met verschillende nuanceringen strekken ten betoge dat in het licht van hetgeen het hof heeft vastgesteld omtrent de betrokkenheid van Terra Tropical bij het bouwproject en het door haar afgegeven garantiecertificaat, niet begrijpelijk is dat het hof aan die instemming geen gevolgen heeft verbonden in de verhouding tussen [betrokkene 1] en Terra Tropical en daaraan ook geen belang heeft gehecht voor de uitleg van dat garantiecertificaat.

Inderdaad is 's hofs beslissing op deze punten zonder nadere, door het hof niet gegeven, motivering niet begrijpelijk. De hierop gerichte klachten van het middel slagen derhalve. De overige klachten behoeven geen behandeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt het vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 10 augustus 2004;

verwijst het geding naar dat hof ter verdere behandeling en beslissing;

veroordeelt de erven [betrokkene 1] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Terra Tropical begroot op € 356,07 aan verschotten en € 2.600,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, J.C. van Oven, W.A.M. van Schendel en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 28 april 2006.