Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2005:AT5801

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
14-06-2005
Datum publicatie
14-06-2005
Zaaknummer
02908/04 J
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2005:AT5801
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Aan verdachten die ttv het begaan van het bewezenverklaarde feit 14 jaar of ouder waren kan een schadevergoedingsmaatregel worden opgelegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJ 2006, 84
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

14 juni 2005

Strafkamer

nr. 02908/04 J

AGJ/AG

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 5 april 2004, nummer 24/001519-03, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988, wonende te [woonplaats].

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van de Kinderrechter in de Rechtbank te Groningen van 27 oktober 2003 - de verdachte ter zake van "medeplegen van opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen" veroordeeld tot twee weken jeugddetentie, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met de bijzondere voorwaarde als in het arrest omschreven. Voorts heeft het Hof gelast dat verdachte een leerproject volgt voor de duur van 40 uren in plaats van de tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde straf. Voorts heeft het Hof de vordering van de benadeelde partij toegewezen en aan de verdachte een betalingsverplichting opgelegd een en ander zoals in het arrest vermeld.

2. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Jörg heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De conclusie is aan dit arrest gehecht.

3. Beoordeling van het middel

3.1. Het middel klaagt dat het Hof van een onjuiste rechtsopvatting over het toepassingsbereik van de schadevergoedingsmaatregel blijk heeft gegeven door deze maatregel aan de verdachte, die ten tijde van het begaan van het bewezenverklaarde feit veertien (de Hoge Raad leest: vijftien) jaar oud was, op te leggen.

3.2. Uit het hier toepasselijke wettelijk kader en de totstandkomingsgeschiedenis daarvan, zoals die zijn weergegeven in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 5 tot en met 13, blijkt dat een schadevergoedingsmaatregel kan worden opgelegd aan verdachten die ten tijde van het begaan van het bewezenverklaarde feit veertien jaar of ouder waren, zodat het middel faalt.

4. Slotsom

Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

5. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president C.J.G. Bleichrodt als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 14 juni 2005