Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2005:AT5754

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
06-12-2005
Datum publicatie
07-12-2005
Zaaknummer
03392/04
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2005:AT5754
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Aan de HR is door het hof slechts toegezonden een “extract-arrest” waarin alleen zijn opgenomen de kwalificaties van de bewezenverklaarde feiten, de data waarop en de plaatsen waar zij zijn begaan, de toepasselijke wetsartikelen en het dictum. ’s Hofs verzuim een arrest op te maken dat voldeed aan de ex art. 415 jo. 365a jo. 138b Sv gestelde eisen, heeft betrekking op een wezenlijke vorm van het strafproces zodat het nietigheid van de bestreden uitspraak oplevert, ook al is deze niet met zoveel woorden in de wet bedreigd (HR LJN AT2980).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2005, 702
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

6 december 2005

Strafkamer

nr. 03392/04

AGJ/IC

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 16 mei 2003, nummer 23/001815-02, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Groot-Brittannië) op [geboortedatum] 1969, wonende te [woonplaats].

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een bij verstek gewezen vonnis van de Rechtbank te Amsterdam van 28 november 2000 - de verdachte vrijgesproken van het bij inleidende dagvaarding onder 1 tenlastegelegde en hem voorts ter zake van 2. "overtreding van artikel 11 van de Wegenverkeerswet 1994", 3. "diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken" en 4. "verduistering" veroordeeld tot achttien weken gevangenisstraf.

2. Geding in cassatie

Het beroep dat kennelijk niet is gericht tegen de gegeven vrijspraak is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Wortel heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, met terugwijzing of verwijzing van de zaak teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

3. Beoordeling van het middel

3.1. Het middel behelst de klacht dat het Hof niet aan de wettelijke voorschriften heeft voldaan door alleen een "extract-arrest" op te maken dat niet de tenlastelegging, de bewezenverklaring en de strafmotivering bevat.

3.2. Voor wat de bestreden uitspraak betreft is aan de Hoge Raad slechts toegezonden een "extract-arrest", waarin alleen zijn opgenomen de kwalificaties van de bewezenverklaarde feiten, de data waarop en de plaatsen waar zij zijn begaan, de toepasselijke wetsartikelen en het dictum.

3.3. Het verzuim van het Hof een arrest op te maken dat voldeed aan de hier ingevolge art. 415 Sv toepasselijke wettelijke eisen, in het bijzonder die van art. 365a in verbinding met art. 138b Sv, heeft betrekking op een wezenlijke vorm van het strafproces zodat het nietigheid van de bestreden uitspraak oplevert, ook al is deze niet met zoveel woorden in de wet bedreigd (vgl. HR 24 mei 2005, LJN AT2980). Het middel is dus in zoverre terecht voorgesteld.

4. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat het middel voor het overige geen bespreking behoeft en dat als volgt moet worden beslist.

5. Beslissing

De Hoge Raad:

Vernietigt de bestreden uitspraak voorzover aan het oordeel van de Hoge Raad onderworpen;

Wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren G.J.M. Corstens en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier L.J.J. Okker-Braber, en uitgesproken op 6 december 2005.

Mr. Thomassen is buiten staat dit arrest te ondertekenen.