Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2005:AR8231

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
01-02-2005
Datum publicatie
21-02-2017
Zaaknummer
00817/04
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2005:AR8231
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Toewijzing vordering b.p., art. 51a.1 (oud) Sv. Wanneer gevaarzetting in het verkeer tot gevolg heeft dat een ongeval plaatsvindt waarbij zaken worden beschadigd, kan worden aangenomen dat deze schade rechtstreeks is toegebracht door de overtreding van art. 5 WVW 1994. HR: art. 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

1 februari 2005

Strafkamer

nr. 00817/04

AGJ/SM

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 22 december 2003, nummer 20/000085-03, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1947, wonende te Dordrecht.

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van Kantonrechter in de Rechtbank te Breda, locatie Tilburg, van 15 oktober 2002 - de verdachte ter zake van "overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994" veroordeeld tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van éénhonderd uren, subsidiair vijftig dagen hechtenis met ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van acht maanden. Voorts heeft het Hof de vordering van de benadeelde partij toegewezen en aan de verdachte een betalingsverplichting opgelegd een en ander zoals in het arrest vermeld.

2. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. E. Everhard, advocaat te Dordrecht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Wortel heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Slotsom

Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

5. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren G.J.M. Corstens en B.C. de Savornin Lohman, in bijzijn van de waarnemend griffier L.J.J. Okker-Braber, en uitgesproken op 1 februari 2005.