Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2004:AP0114

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28-05-2004
Datum publicatie
28-05-2004
Zaaknummer
C03/054HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2004:AP0114
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

28 mei 2004 Eerste Kamer Nr. C03/054HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n RABO FINANCIERINGSMAATSCHAPPIJ B.V., gevestigd te Eindhoven, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. 1. Het geding in feitelijke instanties...

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81, geldigheid: 2004-05-28
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering 407, geldigheid: 2004-05-28
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2004, 282
JWB 2004/194

Uitspraak

28 mei 2004

Eerste Kamer

Nr. C03/054HR

RM/AT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser], wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

RABO FINANCIERINGSMAATSCHAPPIJ B.V., gevestigd te Eindhoven,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

1. Het geding in feitelijke instanties

Verweerster in cassatie - verder te noemen: Rabo - heeft bij exploot van 22 september 1999 eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - gedagvaard voor de kantonrechter te Schiedam en gevorderd [eiser] te veroordelen aan Rabo te betalen een bedrag van ƒ 9.725,70, te vermeerderen met de wettelijke rente.

[Eiser] heeft de vordering bestreden.

Na een ingevolge een tussenvonnis van 30 mei 2000 op 29 juni 2000 gehouden comparitie van partijen heeft de kantonrechter heeft bij eindvonnis van 13 februari 2001 de vordering toegewezen.

Tegen beide vonnissen van de kantonrechter heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij de rechtbank te Rotterdam.

Bij vonnis van 5 september 2002 heeft de rechtbank de bestreden vonnissen bekrachtigd.

Het vonnis van de rechtbank is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het vonnis van de rechtbank heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen Rabo is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Rabo begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, E.J. Numann en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 28 mei 2004.