Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2003:AM3135

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19-12-2003
Datum publicatie
19-12-2003
Zaaknummer
C02/241HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2003:AM3135
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

19 december 2003 Eerste Kamer Nr. C02/241HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.T.R.F. Carli, t e g e n P & O NEDLLOYD B.V., gevestigd te Rotterdam, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. R.S. Meijer. 1. Het geding in feitelijke instanties...

Wetsverwijzingen
Wetboek van Koophandel 517a, geldigheid: 2003-12-19
Wetboek van Koophandel 510, geldigheid: 2003-12-19
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2003, 695
S&S 2006, 61
JWB 2003/490

Uitspraak

19 december 2003

Eerste Kamer

Nr. C02/241HR

JMH/AT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiseres],

gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. R.T.R.F. Carli,

t e g e n

P & O NEDLLOYD B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. R.S. Meijer.

1. Het geding in feitelijke instanties

Eiseres tot cassatie - verder te noemen: [eiseres] - heeft bij exploot van 15 november 1989 verweerster in cassatie - verder te noemen: Nedlloyd - gedagvaard voor de rechtbank te Rotterdam en gevorderd bij vonnis, voorzover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, Nedlloyd te veroordelen om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [eiseres] te betalen een bedrag van ƒ 280.391,98, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 15 september 1999 tot aan de dag der algehele voldoening.

Nedlloyd heeft de vordering bestreden.

De rechtbank heeft bij tussenvonnissen van 8 november 1991 en 30 september 1994 [eiseres] bewijslevering opgedragen. Na enquête ingevolge laatstvermeld tussenvonnis heeft de rechtbank bij eindvonnis van 11 november 1999 de vordering afgewezen.

Tegen alle vonnissen heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.

Bij arrest van 23 april 2002 heeft het hof de vonnissen waarvan beroep bekrachtigd.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Nedlloyd heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van de middelen

De in het middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van NedLloyd begroot op € 3.381,34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president P. Neleman als voorzitter en de raadsheren D.H. Beukenhorst, O. de Savornin Lohman, A. Hammerstein en J.B. Fleers, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 19 december 2003.