Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2003:AF8568

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11-07-2003
Datum publicatie
11-07-2003
Zaaknummer
C02/055HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2003:AF8568
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

11 juli 2003 Eerste Kamer Nr. C02/055HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens, t e g e n 1. de vennootschap onder firma [verweerster 1],

gevestigd te [vestigingsplaats], 2. [Verweerder 2], en 3. [Verweerster 3], beiden wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in cassatie, advocaat: mr. B. Winters. 1. Het geding in feitelijke instanties...

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81, geldigheid: 2003-07-11
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering 407, geldigheid: 2003-07-11
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2003, 394
JWB 2003/277

Uitspraak

11 juli 2003

Eerste Kamer

Nr. C02/055HR

JMH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,

t e g e n

1. de vennootschap onder firma [verweerster 1],

gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [Verweerder 2], en

3. [Verweerster 3],

beiden wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. B. Winters.

1. Het geding in feitelijke instanties

Verweerders in cassatie - verder te noemen: de [verweerders] - hebben bij exploit van 23 december 1999 eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - op verkorte termijn gedagvaard voor de Kantonrechter te Dordrecht en gevorderd bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

a. te bepalen dat de huurovereenkomst ter zake van de door [eiser] gehuurde ruimte aan de [adres] te [plaats] op 14 oktober 2000, althans op een door de Kantonrechter in goede justitie te bepalen datum, zal eindigen, en

b. [eiser] te veroordelen om per datum van beëindiging van de huurovereenkomst het gehuurde te ontruimen en te verlaten met al degenen die zich daar van zijnentwege bevinden en al hetgeen zich daarin van zijnentwege bevindt, waarbij de [verweerders] gemachtigd wordt de ontruiming zonodig zelf te doen uitvoeren op kosten van [eiser] met behulp van de sterke arm van politie en justitie.

[Eiser] heeft de vorderingen bestreden.

De Kantonrechter heeft bij tussenvonnis van 16 maart 2000 een comparitie van partijen gelast en bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis van 18 mei 2000 bepaald dat de huurovereenkomst van het gehuurde aan voormeld adres op 14 oktober 2000 zal eindigen, [eiser] veroordeeld om per de datum van beëindiging van de huurovereenkomst het gehuurde te ontruimen en te verlaten met al degenen die zich daar van zijnentwege bevinden en al hetgeen zich daarin van zijnentwege bevindt, met machtiging van de [verweerders] zelf de ontruiming zonodig met behulp van de sterke arm van politie en justitie op kosten van [eiser] te doen uitvoeren, de proceskosten gecompenseerd, en het meer of anders gevorderde afgewezen.

Tegen beide vonnissen heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij de Rechtbank te Dordrecht. Bij memorie van grieven heeft hij het hoger beroep tegen het tussenvonnis ingetrokken.

De [verweerders] heeft tegen de beslissing tot compensatie van de proceskosten incidenteel hoger beroep ingesteld.

Bij vonnis van 8 augustus 2001 heeft de Rechtbank in het principaal en incidenteel hoger beroep het vonnis van de Kantonrechter vernietigd en, opnieuw rechtdoende, bepaald dat de huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde op 8 augustus 2001 eindigt, [eiser] veroordeeld tot ontruiming van het gehuurde per 8 augustus 2001, en het meer of anders gevorderde afgewezen.

Het vonnis van de Rechtbank is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het vonnis van de Rechtbank heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De [verweerders] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de [verweerders] mede door mr. S. Simonetti, advocaat bij de Hoge Raad.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 301,34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, A. Hammerstein en P.C. Kop, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 11 juli 2003.