Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2003:AF3076

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
07-03-2003
Datum publicatie
07-03-2003
Zaaknummer
R02/054HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2003:AF3076
Rechtsgebieden
Civiel recht
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Faillissementswet 4
Faillissementswet 8
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 382
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 390
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2003, 126
JWB 2003/111
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Eerste Kamer

Rek.nr. R02/054HR

7 maart 2003

SB

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Verzoeker], wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

1. DE ONTVANGER VAN DE BELASTINGDIENST/ ONDERNEMINGEN GORINCHEM, gevestigd te Gorinchem,

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. S. Simonetti,

2. [Verweerder 2], wonende te [woonplaats],

3. Mr. Wilhelmus Henricus Bernardus Maria LITJENS Q.Q., in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Binair Holland B.V., kantoorhoudende te Nijmegen,

VERWEERDERS in cassatie,

niet verschenen.

1. Het geding in feitelijke instanties

Bij vonnis van de Rechtbank te Arnhem van 22 augustus 2001 is verzoeker tot cassatie - verder te noemen: [verzoeker] - op verzoek van verweerders in cassatie sub 2 en 3 (hierna te noemen: [verweerder 2] respectievelijk Litjens) in staat van faillissement verklaard.

[Verzoeker] is van dit vonnis in hoger beroep gekomen bij het Gerechtshof te Arnhem. Bij arrest van het Hof van 27 september 2001 is voornoemd vonnis bekrachtigd.

Tegen het arrest van het Gerechtshof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld.

Bij arrest van 1 maart 2002 heeft de Hoge Raad het beroep, ingeschreven onder rekestnummer R01/117HR, verworpen.

Met een op 31 mei 2002 ter griffie van het Gerechtshof te Arnhem ingekomen verzoekschrift heeft [verzoeker] een verzoek ingediend tot herroeping van het arrest van het dat Hof van 27 september 2001.

[Verweerder 2] en verweerder in cassatie sub 1 - verder te noemen: de Ontvanger - hebben een verweerschrift ingediend.

Na mondelinge behandeling op 15 juli 2002 heeft het Hof bij arrest van 22 juli 2002 [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot herroeping van het arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 27 september 2001.

Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het Hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Ontvanger heeft een verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Ontvanger begroot op € 252,69 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris en aan de zijde van [verweerder 2] en Litjens begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, A.G. Pos en P.C. Kop, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 7 maart 2003.