Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2002:AE4546

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12-07-2002
Datum publicatie
12-07-2002
Zaaknummer
R02/041HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2002:AE4546
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen 15, geldigheid: 2002-07-12
Wet op de rechterlijke organisatie 81, geldigheid: 2002-07-12
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2002, 414
JWB 2002/260

Uitspraak

12 juli 2002

Eerste Kamer

Rek.nr. R02/041HR

JMH

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[Verzoekster], gehuwd geweest met [betrokkene 1], wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. W.G. Poiesz.

1. Het geding in feitelijke instantie

De Officier van Justitie in het arrondissement 's-Gravenhage heeft op 5 april 2002 onder overlegging van een op 19 maart 2002 ondertekende geneeskundige verklaring een vordering ingediend bij de Rechtbank aldaar tot het verlenen van een voorlopige machtiging tot voortgezet verblijf van verzoekster tot cassatie - verder te noemen: verzoekster - in een psychiatrisch ziekenhuis.

Nadat de Rechtbank verzoekster, bijgestaan door haar advocaat, en de behandelend psychiater op 19 april 2002 had gehoord, heeft zij bij beschikking van 19 april 2002 de machtiging tot voortgezet verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis uiterlijk tot en met 1 mei 2003 verleend.

De beschikking van de Rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de Rechtbank heeft verzoekster beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp als voorzitter en de raadsheren A.E.M. van der Putt-Lauwers en A.G. Pos, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 12 juli 2002.