Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2002:AE4289

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
27-09-2002
Datum publicatie
27-09-2002
Zaaknummer
R01/033HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2002:AE4289
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 611a
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 611b
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2002, 485
JWB 2002/338
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

27 september 2002

Eerste Kamer

Nr. R01/033HR

JMH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

PLANTAGE JEREMI N.V., gevestigd op Curaçao, Nederlandse Antillen,

EISERES tot cassatie,

advocaat: aanvankelijk mr. A.R. Sturhoofd, thans mr. D. Stoutjesdijk,

t e g e n

KOMPANIA DI PRODUKSHON I DISTRIBUSHON DI AWA I ELEKTRISIDAT DI KORSOW (KODELA) N.V., gevestigd op Curaçao, Nederlandse Antillen,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. R.S. Meijer.

1. Het geding in feitelijke instanties

Eiseres tot cassatie - verder te noemen: Jeremi - heeft bij verzoekschrift d.d. 7 september 1998 het Gerecht in Eerste Aanleg van de Nederlandse Antillen, zittingsplaats Curaçao, verzocht om bij vonnis, voorzover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

1. voor recht te verklaren dat verweerster in cassatie - verder te noemen: Kodela - jegens Jeremi niet heeft voldaan aan het in het vonnis van het Gerecht in Eerste Aanleg, zittingsplaats Curaçao, van 26 januari 1996 (KG nr. 20/95) aan Kodela gegeven gebod zoals weergegeven in het dictum van voormeld vonnis, tweede gedachtestreepje, en dat Kodela dientengevolge op grond van voormeld vonnis, derde gedachtestreepje, dwangsommen heeft verbeurd en aan Jeremi is verschuldigd tot een totaalbedrag van Nafl. 250.000,--;

2. Kodela te veroordelen aan Jeremi te betalen het in sub 1 vermelde bedrag van Nafl. 250.000,--, alsmede aan Jeremi te vergoeden de schade die Jeremi heeft geleden doordat Kodela heeft gehandeld in strijd met het in sub 1 vermelde gebod, welke worden vereffend volgens de wet, vermeerderd met de wettelijke rente hierover vanaf de datum van indiening van het verzoekschrift tot aan die der algehele voldoening.

Kodela heeft het verzoek bestreden.

Het Gerecht heeft bij vonnis van 10 januari 2000 het verzoek afgewezen.

Tegen dit vonnis heeft Jeremi hoger beroep ingesteld bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba (hierna: het Hof).

Bij vonnis van 5 december 2000 heeft het Hof het bestreden vonnis bevestigd.

Het vonnis van het Hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het vonnis van het Hof heeft Jeremi beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Kodela heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal D.W.F. Verkade strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt Jeremi in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Kodela begroot op € 3.017,64 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, A. Hammerstein en P.C. Kop, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 27 september 2002.