Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2002:AE0595

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
26-03-2002
Datum publicatie
26-03-2002
Zaaknummer
03592/00 P
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2002:AE0595
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2002, 200
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

26 maart 2002

Strafkamer

nr. 03592/00 P

AS/SM

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 14 juli 2000 op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:

[betrokkene B], geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedatum] 1958, wonende te [woonplaats].

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een beslissing van de Arrondissementsrechtbank te Arnhem van 2 april 1999 - de betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van ƒ 193.745,--, subsidiair 570 dagen hechtenis.

2. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze is een schriftuur ingediend, die echter eerst na afloop van de bij de wet gestelde termijn bij de griffie van de Hoge Raad is ingekomen.

De Advocaat-Generaal Fokkens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

3. Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak

Voor ambtshalve vernietiging van de bestreden uitspraak is geen grond aanwezig, zodat het cassatieberoep moet worden verworpen.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de president W.E. Haak als voorzitter, en de raadsheren F.H. Koster, A.J.A. van Dorst, B.C. de Savornin Lohman en W.A.M. van Schendel, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken op 26 maart 2002.