Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2002:AD7353

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
01-03-2002
Datum publicatie
04-03-2002
Zaaknummer
C00/169HR
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2002:AD7353
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOL 2002, 140
JWB 2002/90
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

1 maart 2002

Eerste Kamer

Nr. C00/169HR

SB

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser], wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. J.L. Hofdijk,

t e g e n

L.A.R. RECHTSBIJSTAND N.V., gevestigd te Rijswijk,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. E. Grabandt.

1. Het geding in voorgaande instanties

De Hoge Raad verwijst voor het verloop van dit geding tussen thans eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - en thans verweerster in cassatie - verder te noemen: LAR - naar zijn arrest van 3 november 1995, nr. 15.793, NJ 1996, 392.

Bij dat arrest heeft de Hoge Raad het vonnis van de Rechtbank te 's-Gravenhage van 22 juni 1994 vernietigd en het geding ter verdere behandeling en beslissing verwezen naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage.

Nadat partijen over en weer een memorie, respectievelijk toelichting na verwijzing hadden genomen en de zaak hadden doen bepleiten, heeft het Hof bij arrest van 29 februari 2000 in het principaal appel het door de Kantonrechter te 's-Gravenhage gewezen vonnis van 9 december 1992 vernietigd en, opnieuw rechtdoende, voor recht verklaard:

- dat LAR aan [eiser] betaling verschuldigd is voor zijn optreden voor [betrokkene A] in diens geschil met UAP, voor zover deze werkzaamheden zijn verricht na 27 oktober 1990 en vóór 5 december 1990 en niet worden gedekt door de twee voorschotnota's die door hem aan LAR zijn verzonden en door LAR zijn betaald;

- dat tussen partijen dient te worden afgerekend volgens het calculatieschema van de Nederlandse Orde van Advocaten.

Het meer of anders in het principaal appel gevorderde heeft het Hof afgewezen. In het incidenteel appel heeft het Hof het beroep verworpen.

Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het tweede geding in cassatie

Tegen het arrest van het Hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

LAR heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor LAR toegelicht door haar advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot be-antwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie tot op deze uitspraak aan de zijde van LAR begroot op € 286,88 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president P. Neleman als voorzitter en de raadsheren A.E.M. van der Putt-Lauwers, J.B. Fleers, D.H. Beukenhorst en A. Hammerstein, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 1 maart 2002.