Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2001:AD7584

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
21-12-2001
Datum publicatie
21-12-2001
Zaaknummer
36698
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Belastingblad 2002/303
BNB 2002/99
FED 2002/43
WFR 2002/96, 1
V-N 2002/2.41 met annotatie van Redactie
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Nr. 36.698

21 december 2001

JV

gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 11 oktober 2000, nr. BK-00/00116, betreffende na te melden aanslag in de ingezetenenomslag.

1. Aanslag en bezwaar

Aan belanghebbende is voor het jaar 1995 een aanslag in de ingezetenenomslag van het waterschap Westfriesland opgelegd ten bedrage van ƒ 68, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van het hoofd van de afdeling Heffing van de Dienst Centrale Omslagheffing (hierna: het Hoofd) is gehandhaafd.

2. Loop van het geding tot dusverre

Belanghebbende is tegen de uitspraak van het Hoofd in beroep gekomen bij het Gerechtshof te Amsterdam.

De uitspraak van dit hof van 11 augustus 1998 is op het beroep van het dagelijks bestuur van het hoogheemraadschap van Uitwaterende Sluizen in Hollands Noorderkwartier (hierna: het college) bij arrest van de Hoge Raad van 15 december 1999, nr. 34700, BNB 2000/92, vernietigd met verwijzing van het geding naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage (hierna: het Hof) ter verdere behandeling en beslissing van de zaak met inachtneming van dat arrest.

Het Hof heeft de uitspraak van het Hoofd bevestigd. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.

3. Het tweede geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

4. Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

5. Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

6. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de vice-president E. Korthals Altes als voorzitter, en de raadsheren D.H. Beukenhorst en L. Monné, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 21 december 2001.