Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2001:AD7276

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
14-12-2001
Datum publicatie
14-06-2002
Zaaknummer
388
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
FED 2002/367
WFR 2002/938
V-N 2002/30.8 met annotatie van Redactie
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Nr. 388

14 december 2001

FA

gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 8 februari 2001, nrs. 99/1374 WW, 99/4993 WW, 99/4994 WW, 00/1697 WW en 00/1698 WW, betreffende besluiten van het Landelijk instituut sociale verzekeringen, als rechtsopvolger van de Bedrijfsvereniging voor het Vervoer, tot vaststelling van het dagloon waarnaar de aan belanghebbende toegekende uitkering krachtens de Werkloosheidswet wordt berekend.

1. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De in cassatie bestreden uitspraak van de Centrale Raad betreft de toepassing van de Werkloosheidswet en heeft betrekking op in het kader van die wet genomen besluiten welke zien op de hoogte van een uitkering krachtens meerbedoelde wet. Tegen uitspraken van de Centrale Raad daaromtrent is geen beroep in cassatie opengesteld. Hieruit volgt dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk moet worden verklaard.

2. Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

3. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer P. Lourens als voorzitter, en de raadsheren C.B. Bavinck en J.C. van Oven, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier J.M. van Hooff, en in het openbaar uitgesproken op 14 december 2001.

Het door belanghebbende als griffierecht betaalde bedrag van f 160 wordt door de Griffier van de Hoge Raad aan belanghebbende teruggegeven.